maandag 18 september 2017

Dag Poes!

Hondenweer
Heb ik dat weer,
dit is toch geen buitje meer.
De regen komt met bakken neer.
Dit is wat je noemt nou
HONDENWEER!

Ik ga gauw naar binnen
bij de kachel liggen spinnen.
Mies van Hout. Uit: Dag poes! met teksten van Bette Westera, Koos Meinderts, Sjoerd Kuyper en Hans & Monique Hagen. Hoogland & Van Klaveren, 2017. 
Bijna tegelijkertijd met de opening van de expositie 'Kattenliefde' in de Rotterdamse Kunsthal verschijnt het prentenboek 'Dag poes! van Mies van Hout.
Ze tekent hier poezen in al hun onnavolgbare gekkigheid, verbijstering, domheid, hooghartigheid, afweer en onweerstaanbare levensvreugde, in grote kleurige prenten.
Het effect van de platen wordt versterkt door de gedichten, die er fantastisch bij passen en al naargelang droogkomisch, verrukt, diep ontdaan of sluw en afwachtend van toon en sfeer zijn.
Het is een leuk gezelschapsspel om te raden welk gedicht van welke dichter(s) is.
Van wie is het gedicht hierboven, denken jullie?
De oplossing staat onderaan deze pagina. 

Dit is een boek om van te smullen. Geen kattenliefhebber kan dit laten liggen, en poëzieliefhebbers evenmin. Mensen die in beide categorieën vallen doen er goed aan onmiddellijk naar de boekhandel te rennen.





















Oplossing: Het gedicht Hondenweer is geschreven door Koos Meinderts

maandag 11 september 2017

Onder mijn matras de erwt

elf treden
Wij hebben een houten trap
en die boen ik elke vier weken -
ik moet dat uitleggen, want
anders snapt niemand onze trap.

Je wrijft de elf treden eerst met
boenwas in en daarna wrijf
je ze weer uit met een andere
doek. Ik vind dat ik dat moet

vertellen voor kinderen die
na mij op aarde komen en in
dit huis gaan wonen: de droge
doek moet je op de tree leggen,
erop gaan zitten en dan heen

en weer schuiven met je kont.
[...]
    weet je boze

moeder precies dat je het niet
goed gedaan hebt in haar ogen.
Maar ik doe het niet voor haar.
Ik doe het voor onze lieve trap.
Ted van Lieshout. Uit: onder mijn matras de erwt. Leopold, 2017.
Dit is een wrang boek. Het is ook een spannend boek. Ted van Lieshout blijft er in slagen verrassende nieuwe dingen te maken. 
De toon van de gedichten is licht, de inhoud zwaar. Gedichten in allerlei soorten, vormen en maten, over een tobbend, eenzaam meisje met veel zorgen en een niet te prettige familie.
Je ontkomt als lezer niet aan een diep meegevoel met dit personage dat alles goed bedoelt, goudeerlijk doch onhandig communiceert en ondertussen de naarste details over de wereld waarin ze leeft onthult. Zoals in het gedicht 'moederdag' waarin luchtig het bestaan van bandieten 'die maar al te graag van gratis kinderen gebruikmaken' voorbijkomen. 

Van Lieshout weeft op formidabele wijze vorm en inhoud dooreen, en onderstreept de gedichten met foto's van door hem zelf gemaakte, ongelukkig ogende poppenkoppen.
Geen luchthartige bundel, maar voor oudere kinderen wellicht uiterst herkenbaar.   


maandag 4 september 2017

Hemelsblauwe jas

Kwijt
Ik kan haar niet vinden
in de drukte van de stad.
Ik heb me losgemaakt
ben haar kwijtgeraakt
en sta met bonkend hart
tussen al die mensen
al die benen.
Ze is verdwenen
zonder mij.
Mama, wist ik nou maar waar je was!
Helemaal in paniek
misselijk en ziek
zie ik dan haar hemelsblauwe jas.
Nicolle van den Hurk. Uit: Hemelsblauwe jas. Karmijn, 2017.
Lef kan uitgeverij Karmijn niet ontzegd worden: als
 kleine, jonge uitgeverij een poeziebundel uitgeven.  
Alleen spijtig dat ´Hemelsblauwe jas´ niet heel bijzonder is. De gedichten zijn herkenbaar, maar erg eenvoudig in taal, thematiek, ritme en rijm en, op een paar gedichten na, nergens opvallend, speciaal of met een randje.
Ook de tekeningen blijven, op enkele uitschieters na zoals de tekening bij het hierboven geciteerde gedicht, steken in alledaagsheid. Van dit soort jeugdpoëzie is er genoeg, of teveel.
Hopelijk probeert Karmijn het nog eens met een spannender bundel.

maandag 28 augustus 2017

Plasman van Jaap Robben en Benjamin Leroy

Superhelden zijn fantastisch.
De één vecht met meteorieten,
terwijl de ander drie monsters verslaat.

En als ze middagpauze hebben, trainen ze
voor een nieuwe heldendaad.

[...]
Behalve het verhaal van Plasman,
dat is niet zo'n superheld.

Natuurlijk, hij kan ook wel dingen goed.
Met gemak vult hij een zwembad
wanneer-ie echt heel nodig moet.

Raakt zonder spetters de toiletpot
met een mooie rechte straal.

[...]
als Plasman
weer naar huis wil gaan,
klinkt er plots een noodoproep
en rinkelt de sirene.
[...]
'Doe iets, Plasman!'
Úh-oh...'
'Ja! Plas dan! Plas dan!'
Na het succes van de Suzie Ruzie-reeks flikken Jaap Robben en Benjamin Leroy het opnieuw: een enorm grappig en aanstekelijk boek maken voor peuters en kleuters.
Ingrediënten: alledaagse herkenbaarheid, heldere teksten en over-de-top-tekeningen, lekker vies (want het gaat over pies) en een identificatiemodel waar elk jong kind blij van wordt.
Zou het schelen dat beide heren jonge vaders zijn? Dan staat ons de komende jaren nog veel moois te wachten.

maandag 12 juni 2017

Vakantie

Dit weblog gaat in zomerslaap.
Heb geduld.
Begin september komen hier weer mooie nieuwe gedichtenboeken en andere prachtige jeugdboeken.
Fijne zomer.

dinsdag 6 juni 2017

Het schaap dat een ei uitbroedde

Lola had de mooiste wol van de hele wereld.
Haar wol glansde, was zijdezacht
en zat nooit, nooit in de war.

Lola kon haar wol uren wassen, drogen
en borstelen tot het helemaal perfect zat.
Gemma Merino. Uit: Het schaap dat een ei uitbroedde. Lemniscaat, 2017.
Dit prentenboek begint veelbelovend met een echt prachtige tekening van een schaap in bad, die flink wat badschuim gebruikt. Ook de tekst schroeft de verwachtingen op.
Lola, what's in a name, is de ijdelheid zelf en loopt maar te paraderen met haar glanzende, zijdezachte vacht. Als de schapen naar de kapper moeten is ze in zak en as en wacht ze gespannen tot haar nieuwe wol weer aangroeit.
De lezer die een interessante karakterontwikkeling voorziet en een boeiende confrontatie met de rest van de kudde verwacht wordt helaas teleurgesteld. Wat volgt is een suikerzoet verhaaltje zonder haakjes of opvallend taalgebruik, al blijven de tekeningen geweldig.
Merino - wie zo heet móet natuurlijk wel over schapen tekenen - maakt gebruik van een haast grafische manier van tekeningen opbouwen, die vol grappige details zitten, fantastisch kleurgebruik en fijne lijnen. Ook in haar vorige boek, De koe die in de boom klom,  waren de tekeningen markanter dan de teksten. Wellicht kan Merino samen met een schrijver eens een prentenboek maken.
|Leeftijd: 2+

maandag 29 mei 2017

Landschap

In de weiden grazen
de vreedzame dieren;
de reigers zeilen
over blinkende meren,
de roerdompen staan
bij een donkere plas;
en in de uiterwaarden
galopperen de paarden
met golvende staarten
over golvend gras.
H. Marsman. Uit: Als je goed om je heen kijkt zie je dat alles gekleurd is. Gedichten voor kinderen van alle leeftijden, gekozen door Tine van Buul en Bianca Stigter. Querido, 2006. 

Bovenstaand gedicht is gepubliceerd met toestemming vooraf van uitgeverij Querido.

maandag 22 mei 2017

Annie M.G. Schmidtweek 2017

Marietje was bang voor water en zeep
Marietje van Dalen uit Kreukelendamme,
die hield niet van wassen en hield niet van kammen,
zij hield niet van zeep en zij hield niet van water
en stelde het wassen maar uit tot later.
Van nageltjes knippen was zij nog banger
en haar nageltjes werden hoe langer hoe langer.
O, grutjes, wat was die Marietje vies,
ze leek wel een varken, maar dan ook precies.
En als haar moeder des morgens kwam
met zeep en met water en ook met een kam,
dan ging zij tekeer en begon te gillen
of iemand haar levend wilde villen.
Haar moeder werd boos van al dat gehuil
en riep: Dan blijf je maar altijd vuil!
Maar ga dan maar weg en kom nooit weer,
dan ben jij mijn kleine meisje niet meer.
Die smerige kleine Marietje van Dalen
die ging ervandoor en begon te dwalen
langs alle straten en langs alle wegen,
zij zat vol modder en vieze vegen
en vuile vlekken op iedere wang.
haar kleren leken wel struikgewas
en in haar halsje daar groeide het gras,
het groeide ook op haar ene been
en eindelijk helemaal over haar heen.
en je kon niet meer zien, door al dat gras
dat Marietje van Dalen een meisje was.
En eindelijk groeide ze vast in de grond
waar ze net als een boom op het weiland stond.
De vogeltjes bouwden een nest in haar haren
en langzamerhand kreeg ze takken en blaren.
Het is waar, al lijkt het een nare droom:
Marietje van Dalen is nu een boom.

Dus… meisjes die bang zijn voor zeep en voor water,
die worden allemaal bomen… later.
Annie M.G. Schmidt. Uit: Een vijver vol inkt. De mooiste kindergedichten van Annie M. G. Schmidt. Tekeningen van Sieb Posthuma. Querido, 2011. 
20 mei was ze jarig. Ter nagedachtenis aan de koningin van de Nederlandse jeugdpoëzie bovenstaand gedicht.
Dit gedicht is geplaatst met toestemming vooraf van uitgeverij Querido. 


dinsdag 16 mei 2017

De wind zien

in kriskras van vogels
in schrapzet van haas
in krom op de fiets
in zand uit het niets
in haar uit je ogen
in fladder van jas
in platslag van gras
in rood op je wangen
in meeuwen die hangen
in regen in strepen
in omval, en...

au!
gauw schuilen bij jou
hem dan horen fluisteren:

ik ben de wind, moet je eens luisteren
Kate Schlingemann. Uit: Wondermiddel. Tekeningen Nynke Kuipers. Xanten, 2015. 

maandag 8 mei 2017

Dulle Griet

KEN JE GREET DIE GRIET HEET?
Ze is geboren als Greetje. En ze was ook een Greetje.
Een kind om te knuffelen. Om op te eten.

Tot ze oud genoeg was om stout te worden.
Toen werd ze ook stout. Toen wilde ze alles wat niet mocht. Of kon.
Wandelen over de zee. Helemaal te voet naar Engeland.
Of hoog op een toren zomaar mensen naar beneden duwen.
ÉÉN VOOR ÉÉN.
'Nee!' riep haar vader voortdurend.
'Nee!' gilde haar moeder heel vaak.
'Nee, Greetje, nee, dat kan niet, nee...'
Ze zeiden het na elkaar en ze zeiden het door elkaar.
'NEE! NEE!! NEE!!!!!!'

Maar het hielp niet. Greetje trok er zich niets van aan.
Ze stak haar tong uit en riep, nog veel harder dan haar
vader en moeder samen:
'JAWEL!!!' 
En ze trok alle bloemen uit de grond.

Zo werd Greetje Greet, stoute Greet. En toen werd ze nóg stouter.
En Greet werd Griet, een dulle Griet.
Geert de Kockere. Uit: Dulle Griet. Illustraties Carll Cneut. De Eenhoorn, 2017.
Een eeuwenoud, wereldberoemd schilderij tot leven brengen in een kinderboek, voorwaar geen geringe taak. Het schilderij 'Dulle Griet' van Pieter Bruegel de Oude (1525-1569) hangt momenteel in Museum Mayer in Antwerpen maar was ooit in het bezit van Keizer Rudolf II van Praag en werd later als oorlogsbuit geroofd door de Zweden. Kunstenaars en dichters schreven erover en Dulle Griet kwam zelfs in een Suske en Wiske terecht.
De Kockere en Cneut geven een heel eigen draai aan het personage Dulle Griet. In hun boek is Griet geen heldin maar een meisje dat alleen maar slecht wil, het liefst linea reacta naar de hel. Jammer!
Een gemiste kans, er zijn historische bronnen waaruit het tegendeel spreekt en 'Dulle Griet' zich juist verzet tégen de duivel en zijn trawanten.
Ik vraag me af of een vrouwelijke auteur en illustrator niet eerder uit dit schilderij de krachtvrouw, de uitblinkster, heldin en inspiratiebron zouden hebben gelicht. Zo'n boek zou lezers, vooral de kinderen waarvoor dit boek bedoeld is, meer inspireren en begeesteren dan deze zichzelf en anderen vernietigende feeks (" 'DUIVEL!' riep Griet... 'DUIVEL, HIER BEN Ik! . WIL JE ME HEBBEN?' Maar de duivel antwoordde niet. De duivel antwoordt nooit.")
Tekst en tekeningen vragen een sterke maag en weinig inlevingsvermogen, niet veel kinderen zullen hier plezier aan beleven.
De Kockere en Cneut maakten dit boek al in 2005. Op de Biënnale van Bratislava werd het bekroond met een Gouden Plague. Dit is een heruitgave in nieuwe vormgeving. 

Hier vind je wat achtergrondinformatie over Bruegels schilderij en over Dulle Griet.