maandag 16 oktober 2017

Roltrap naar de maan

Mijn vader zegt dat hij geen moeder heeft,
hij is gevonden op de maan.
Twee astronauten zagen hem
daar op z'n handen staan.
Hij is mee terug gevlogen
en in de achtertuin geland.
Mijn moeder werd meteen verliefd,
dus hij bleef in Nederland.

Mijn vader is een leugenaar,
hij kan fantastisch liegen.
Wat los zit liegt hij aan elkaar,
hij kan iedereen bedriegen.
Mijn vader is een leugenaar.

Mijn vader heeft een jumbo jet,
daarmee vliegt hij naar zijn werk.
En voor hij naar kantoor gaat,
draait hij drie keer om de kerk.
Hij zwemt zo de Noordzee over
met zijn handen op zijn rug.
Dan tikt hij aan bij Engeland
en zwemt onder water terug.

Mijn vader is eigenlijk de koning,
hij is de broer van Beatrix.
Maar hij wil niet op de gulden
en regeren vind ie niks.
Hij is ook goed bevriend met God,
ze spelen elke zondag schaak.
Laatst nog heeft mijn vader
God in een zet afgemaakt.

En wie dit lied gelooft,
is niet goed bij zijn hoofd.
Want ik ben hier de grootste leugenaar.
Ik heb de boel bedrogen,
van A tot Z gelogen.
Ik heb niet eens een vader
en de rest is ook niet waar.
Echt waar!
Harrie Jekkers en Koos Meinderts. Uit: Roltrap naar de maan. Illustraties Annette Fienieg. Met cd van het Klein Orkest. Rubinstein, 2017.
Dit boek bevat alle kinderliedjes van Klein Orkest, en de teksten zijn nog steeds fantastisch. Zo zou meer poëzie voor kinderen moeten zijn: grappig, origineel, talig en gedurfd. Geen laffe rijmpjes maar teksten die voortdurend verrassen en je op het verkeerde been zetten en hier en daar ook knoeperdhard zijn, op een goede manier. Vaderloosheid, zoals hierboven, komt achteloos even voorbij, er is een kinderverslinder die graag 'dwarsgebakken kind in wijn gesmoord' eet, een spin wordt uitgebreid bekeken en bevraagd, maar tenslotte wordt gedreigd hem drie van zijn acht pootjes uit te trekken, als hij niet snel weggaat. Een vleugje maatschappijkritiek over een jongetje dat te veel eet en meisje met honger, en ook de geweldige Ballade van de Dood staat erin.
Een klein foutje: ergens komt het woord gulden voor. Dat doet erg gedateerd aan, en had gemakkelijk in 'euro' veranderd kunnen worden.
De tekeningen zijn in de van Annette Fienieg bekende speelse, bijna huiselijke, stijl.
Klein Orkest kreeg in 1986 een Edison voor Roltrap naar de Maan en vanaf november gaat Harrie Jekkers de theaters in met Klein Orkest met o.a. een paar liedjes hieruit. 

maandag 9 oktober 2017

Dikkertje Dap

Dikkertje Dap klom op de trap
's morgens vroeg om kwart over zeven
om de giraf een klontje te geven.

Dag Giraf zei Dikkertje Dap,
weet je wat ik heb gekregen?
Rode laarsjes voor de regen!

 't Is toch niet waar, zei de giraf,
Dikkertje, Dikkertje, ik sta paf .

Oh Giraf, zei Dikkertje Dap,
'k moet je nog veel meer vertellen:

 Ik kan al drie letters spellen:
abc, is dat niet knap?

Ik kan ook al bijna rekenen!
Ik kan mooie poppetjes tekenen!

Lieve deugd, zei de giraf,
kerel kerel, ik sta paf.

Zeg Giraf, zei Dikkertje Dap,
mag ik niet eens even bij je
stiekem van je nek af glijen?

Zo maar eventjes voor de grap,
denk je dat de grond van Artis
als ik neerkom heel erg hard is?

Stap maar op, zei de giraf,
stap maar op en glij maar af,

Dikkertje Dap klom van de trap
met een griezelige grote stap.
Op de nek van de giraf
zette Dikkertje Dap zich af, 

roetsjj, daar gleed hij met een vaart
tot aan 't kwastje van de staart.

Boem!  Auw!!

Dag Giraf, zei Dikkertje Dap.
Morgen kom ik weer hier met de trap.
Annie M. G. Schmidt. Uit: Dikkertje Dap. Tekeningen Noëlle Smit. Querido, 2017.
Afgelopen week ging de film Dikkertje Dap in première. Uitgeverij QueridoKind brengt daarbij een speciaal boek uit met de tekst van het beroemde liedje van Annie M. G. Schmidt zodat ook nieuwe generaties kinderen kunnen kennismaken met dit ikoon.
De tekst is een beetje gestroomlijnd waardoor je net niet mee kunt zingen. De tekeningen van Noëlle Smit zijn nostalgisch, lief en overzichtelijk.
Leeftijd 4+.

maandag 2 oktober 2017

Waar de wind waait

Toverachtig
Omhoog, omhoog
ik wil omhoog
Zo hoog als vliegtuigen
meeuwen, spreeuwen, duiven
Steeds een treetje
klimmen in de lucht
Wie durft er mee op mijn vlucht?

Prachtig, machtig, toverachtig
kijk ik recht, recht naar omhoog
De mooiste kleuren van de wereld
zitten in de regenboog
Ik wil ze pakken
in mijn zakken
en ze meenemen naar huis

Maar als het zo blijft regenen
blijf ik vandaag toch liever thuis
Brenda Heijnis. Tekeningen Esther Leeuwrik. Clavis, 2017.
Mooi dat uitgeverij Clavis jeugdpoëzie uitbrengt en nog wel zo'n mooi stevig boek met grote kleurplaten.
Maar waarom in vredesnaam van die matige, slappe versjes? Er zijn zoveel goede Nederlandstalige jeugddichters!
De rijmen in 'Waar de wind waait' zijn voorspelbaar en van bedenkelijk niveau, van ritme of metrum is geen sprake, de taal blijft steken in alledaagsheid, de onderwerpkeuze is nergens bijzonder, er is geen spel met vorm en inhoud.
Jammer, zo veel moeite voor zulk ondermaats werk. De tekeningen zijn wel vrolijk, kleurrijk en beweeglijk.
Leeftijd: 3+

maandag 25 september 2017

Ben niet bang (voor de wilde dieren)

Niet schattig
In dit boek vind je allerlei griezeldieren. Als je niet bang bent voor spinnen, dan misschien toch wel voor een krokodil, schorpioen, gifslang, tijger of haai.
Of misschien ben je banger voor steekbeesten die je gewoon in de buurt kunt tegenkomen, zoals teken, kwallen en wespen. Ook daar kun je over lezen.
Je kunt dan zelf uitmaken hoe eng of gevaarlijk ze zijn.
Ook zul je dieren tegenkomen die gevaarlijker zij dan je dacht. Dieren die er schattig uitzien maar niet zo schattig zijn, zoals de panda en het nijlpaard.
[...]
Dieren die eng doen
Levend vlees
Een horzel is een vlieg zonder mond en zonder angel. Hij kan dus niet bijten of steken. Zelf is de horzel dan ook niet eng, maar zijn kinderen - maden - zijn dat wel. Anders dan de maden van bromvliegen, die van vlees van dode dieren leven, eten horzelmaden vlees van levende dieren. Van een hert bijvoorbeeld. Ze leven onder de huid. Op hun woonplek ontstaat een flinke bult. Als de maden groot genoeg zijn, kruipen ze naar buiten om zich te verpoppen. De runderhorzel leeft in Europa. In tropisch Amerika heb je de mensenhorzel. Die heet zo omdat zjin maden ook weleens in mensen leven. Freek Vonk nam er drie mee naar Nederland. Ze zaten in zijn been.
Geert-Jan Roebers. Uit: BEN NIET BANG voor de wilde dieren. Over spinnen, slangen, haaien en andere griezels. Illustraties Wendy Panders. Gottmer, 2017. 
Een boek over extreem verschillende wezens als de teek en de wenkkrab, de vogelspin en de zweefvlieg, de olifant, de luis en de pissebed, de zwarte kraai, de potvis en de gorilla, de malariamug en de Californische condor heeft een probleem.
Hoe breng je al die dieren bij elkaar? 
De insteek van dit boek is: het zijn allemaal op de een of andere manier griezels, volgens de makers van dit boek. 
Of iedereen dat met ze eens is valt te betwijfelen. Een gorilla mag dan eng zijn als je er een in het wild tegenkomt, dat zal toch weinig mensen overkomen en is bovendien van  een heel andere orde dan een teek, die tijdens een onschuldige boswandeling ongevraagd en ongemerkt in je kuit kruipt, waardoor je een invaliderende ziekte als Lyme kunt oplopen.
Onderverdeeld in hoofdstukken als 'Gevaarlijke schatjes', Smerige beesten', Dieren die eng doen' , Dieren met een slechte naam' en 'Onschuldige griezels' en nog zo wat categoriëen komen de dieren en hun gevaren en leefwijzen voorbij.
Het geheel is een indrukwekkende, vrolijke en ook licht smerige verzameling van feiten en feitjes, vieze, mooie, grappige en afschrikwekkende tekeningen en foto's.
Kinderen die graag over dieren lezen en griezelige dieren niet erg vinden zullen hiervan smullen. Sommige anderen zullen het wellicht gruwend wegleggen.
Een eclectisch, grappig leerzaam boek.


maandag 18 september 2017

Dag Poes!

Hondenweer
Heb ik dat weer,
dit is toch geen buitje meer.
De regen komt met bakken neer.
Dit is wat je noemt nou
HONDENWEER!

Ik ga gauw naar binnen
bij de kachel liggen spinnen.
Mies van Hout. Uit: Dag poes! met teksten van Bette Westera, Koos Meinderts, Sjoerd Kuyper en Hans & Monique Hagen. Hoogland & Van Klaveren, 2017. 
Bijna tegelijkertijd met de opening van de expositie 'Kattenliefde' in de Rotterdamse Kunsthal verschijnt het prentenboek 'Dag poes! van Mies van Hout.
Ze tekent hier poezen in al hun onnavolgbare gekkigheid, verbijstering, domheid, hooghartigheid, afweer en onweerstaanbare levensvreugde, in grote kleurige prenten.
Het effect van de platen wordt versterkt door de gedichten, die er fantastisch bij passen en al naargelang droogkomisch, verrukt, diep ontdaan of sluw en afwachtend van toon en sfeer zijn.
Het is een leuk gezelschapsspel om te raden welk gedicht van welke dichter(s) is.
Van wie is het gedicht hierboven, denken jullie?
De oplossing staat onderaan deze pagina. 

Dit is een boek om van te smullen. Geen kattenliefhebber kan dit laten liggen, en poëzieliefhebbers evenmin. Mensen die in beide categorieën vallen doen er goed aan onmiddellijk naar de boekhandel te rennen.





















Oplossing: Het gedicht Hondenweer is geschreven door Koos Meinderts

maandag 11 september 2017

Onder mijn matras de erwt

elf treden
Wij hebben een houten trap
en die boen ik elke vier weken -
ik moet dat uitleggen, want
anders snapt niemand onze trap.

Je wrijft de elf treden eerst met
boenwas in en daarna wrijf
je ze weer uit met een andere
doek. Ik vind dat ik dat moet

vertellen voor kinderen die
na mij op aarde komen en in
dit huis gaan wonen: de droge
doek moet je op de tree leggen,
erop gaan zitten en dan heen

en weer schuiven met je kont.
[...]
    weet je boze

moeder precies dat je het niet
goed gedaan hebt in haar ogen.
Maar ik doe het niet voor haar.
Ik doe het voor onze lieve trap.
Ted van Lieshout. Uit: onder mijn matras de erwt. Leopold, 2017.
Dit is een wrang boek. Het is ook een spannend boek. Ted van Lieshout blijft er in slagen verrassende nieuwe dingen te maken. 
De toon van de gedichten is licht, de inhoud zwaar. Gedichten in allerlei soorten, vormen en maten, over een tobbend, eenzaam meisje met veel zorgen en een niet te prettige familie.
Je ontkomt als lezer niet aan een diep meegevoel met dit personage dat alles goed bedoelt, goudeerlijk doch onhandig communiceert en ondertussen de naarste details over de wereld waarin ze leeft onthult. Zoals in het gedicht 'moederdag' waarin luchtig het bestaan van bandieten 'die maar al te graag van gratis kinderen gebruikmaken' voorbijkomen. 

Van Lieshout weeft op formidabele wijze vorm en inhoud dooreen, en onderstreept de gedichten met foto's van door hem zelf gemaakte, ongelukkig ogende poppenkoppen.
Geen luchthartige bundel, maar voor oudere kinderen wellicht uiterst herkenbaar.   


maandag 4 september 2017

Hemelsblauwe jas

Kwijt
Ik kan haar niet vinden
in de drukte van de stad.
Ik heb me losgemaakt
ben haar kwijtgeraakt
en sta met bonkend hart
tussen al die mensen
al die benen.
Ze is verdwenen
zonder mij.
Mama, wist ik nou maar waar je was!
Helemaal in paniek
misselijk en ziek
zie ik dan haar hemelsblauwe jas.
Nicolle van den Hurk. Uit: Hemelsblauwe jas. Karmijn, 2017.
Lef kan uitgeverij Karmijn niet ontzegd worden: als
 kleine, jonge uitgeverij een poeziebundel uitgeven.  
Alleen spijtig dat ´Hemelsblauwe jas´ niet heel bijzonder is. De gedichten zijn herkenbaar, maar erg eenvoudig in taal, thematiek, ritme en rijm en, op een paar gedichten na, nergens opvallend, speciaal of met een randje.
Ook de tekeningen blijven, op enkele uitschieters na zoals de tekening bij het hierboven geciteerde gedicht, steken in alledaagsheid. Van dit soort jeugdpoëzie is er genoeg, of teveel.
Hopelijk probeert Karmijn het nog eens met een spannender bundel.

maandag 28 augustus 2017

Plasman van Jaap Robben en Benjamin Leroy

Superhelden zijn fantastisch.
De één vecht met meteorieten,
terwijl de ander drie monsters verslaat.

En als ze middagpauze hebben, trainen ze
voor een nieuwe heldendaad.

[...]
Behalve het verhaal van Plasman,
dat is niet zo'n superheld.

Natuurlijk, hij kan ook wel dingen goed.
Met gemak vult hij een zwembad
wanneer-ie echt heel nodig moet.

Raakt zonder spetters de toiletpot
met een mooie rechte straal.

[...]
als Plasman
weer naar huis wil gaan,
klinkt er plots een noodoproep
en rinkelt de sirene.
[...]
'Doe iets, Plasman!'
Úh-oh...'
'Ja! Plas dan! Plas dan!'
Na het succes van de Suzie Ruzie-reeks flikken Jaap Robben en Benjamin Leroy het opnieuw: een enorm grappig en aanstekelijk boek maken voor peuters en kleuters.
Ingrediënten: alledaagse herkenbaarheid, heldere teksten en over-de-top-tekeningen, lekker vies (want het gaat over pies) en een identificatiemodel waar elk jong kind blij van wordt.
Zou het schelen dat beide heren jonge vaders zijn? Dan staat ons de komende jaren nog veel moois te wachten.

maandag 12 juni 2017

Vakantie

Dit weblog gaat in zomerslaap.
Heb geduld.
Begin september komen hier weer mooie nieuwe gedichtenboeken en andere prachtige jeugdboeken.
Fijne zomer.

dinsdag 6 juni 2017

Het schaap dat een ei uitbroedde

Lola had de mooiste wol van de hele wereld.
Haar wol glansde, was zijdezacht
en zat nooit, nooit in de war.

Lola kon haar wol uren wassen, drogen
en borstelen tot het helemaal perfect zat.
Gemma Merino. Uit: Het schaap dat een ei uitbroedde. Lemniscaat, 2017.
Dit prentenboek begint veelbelovend met een echt prachtige tekening van een schaap in bad, die flink wat badschuim gebruikt. Ook de tekst schroeft de verwachtingen op.
Lola, what's in a name, is de ijdelheid zelf en loopt maar te paraderen met haar glanzende, zijdezachte vacht. Als de schapen naar de kapper moeten is ze in zak en as en wacht ze gespannen tot haar nieuwe wol weer aangroeit.
De lezer die een interessante karakterontwikkeling voorziet en een boeiende confrontatie met de rest van de kudde verwacht wordt helaas teleurgesteld. Wat volgt is een suikerzoet verhaaltje zonder haakjes of opvallend taalgebruik, al blijven de tekeningen geweldig.
Merino - wie zo heet móet natuurlijk wel over schapen tekenen - maakt gebruik van een haast grafische manier van tekeningen opbouwen, die vol grappige details zitten, fantastisch kleurgebruik en fijne lijnen. Ook in haar vorige boek, De koe die in de boom klom,  waren de tekeningen markanter dan de teksten. Wellicht kan Merino samen met een schrijver eens een prentenboek maken.
|Leeftijd: 2+