donderdag 31 december 2009

Jarig

Weet je wat ik wil?
Een eigen broer.
Dat vind ik stoer.
Een opa die komt zingen.

Een dikke kus.
Een lieve zus.
Om touwtje
mee te springen.

Een bord vol ijs.
Een bord vol friet.
En heel veel
appeltaart.

En verder graag
Een lieve hond.
Met kwispels
in zijn staart.
Johanna Kruit. Tekeningen Annemie Heymans. In: Twee kusjes in een doosje. Maretak, 2002.

dinsdag 29 december 2009

Liedje voor winterkinderen

Middenin de winternacht
holt een dikke witte man
holt een dikke witte man

Het is een dikke sneeuwman
met zijn pijpje van hout
een dikke dikke sneeuwman
achtervolgd door de kou

Hij komt aan in een dorpje
hij komt aan in een dorpje
hij voelt zich opgelucht
want daar brandt nog licht
Een van de huizen
gaat hij binnen zonder kloppen
Een van de huizen
gaat hij binnen zonder kloppen
en om zich te verwarmen
en om zich te verwarmen
gaat hij op de hete kachel zitten
en plotseling is hij verdwenen
en ligt middenin een waterplas
alleen nog zijn pijpje
alleen nog zijn pijpje
en zijn oude jas...
De Franse dichter Jacques Prévert heeft het gedicht geschreven, Wim Hofman heeft het vertaald. In: We schilderen een vogel. Querido 2001.
Dit gedicht is geplaatst met toestemming vooraf van uitgeverij Querido.

maandag 28 december 2009

Het varken en het zwijn: winnaar 2 schrijfwedstrijd

Het varken en het zwijn
Een wild zwijn dat leefde in de bossen
moest hard werken elke dag
tussen varens tussen mossen
zocht het of er eten lag

het groef en wroette in de grond
in de regen in de zon
net zo lang tot het wat vond
wat als voedsel dienen kon

dan leek het varken beter af
elke dag een trog vol voer
was voor hem bepaald geen straf
zomaar gekregen van de boer

tot op een dag de slager kwam
en het varken werd geslacht
in stukken spek en stukken ham
dat had het nou toch niet verwacht
Henk Oortgijs, Zutphen. De drie boeken 'Boven in een groene linde zat een moddervette haan' van Sieb Posthuma, Maria van Donkelaar en Martine van Rooijen zijn door uitgeverij Gottmer opgestuurd naar de prijswinnaars, van harte gefeliciteerd.

donderdag 24 december 2009

Kerstverhaal Het bezoek van de dieren

Bij wijze van uitzondering vandaag geen gedicht maar een verhaal.
Het bezoek van de dieren
Er waren allerlei dieren die graag het kindje Jezus wilden zien. Daarom vroegen ze aan de os en de ezel of die aan Jozef wilden vragen of dat mocht. Nadat Jozef ja had gezegd, gaf de os een mak en snel paard de opdracht om de volgende dag iedereen uit te nodigen die wilde komen.
De os en de ezel vroegen zich af of ze ook wilde dieren moesten toelaten, en ook dromedarissen, kamelen en olifanten, alle dieren die er door hun bulten en slurven, hun grote knoken en massa's vlees een beetje verdacht uitzien. Hetzelfde gold voor griezelige dieren, zoals schorpioenen, tarantula's, reuzenspinnen en adders, die in hun klieren dag en nacht gif aanmaken, zelfs 's morgens als alles nog schoon en fris is.
Maria aarzelde niet. 'Jullie kunnen ze allemaal laten komen. Mijn kind is in zijn kribbe zo veilig alsof hij in de hoge hemel is.' 'Maar wel één voor één,' zei Jozef op bijna militaire toon. 'Er mogen niet twee dieren tegelijk door de deur. Anders zie je door de bomen het bos niet meer.'
Er werd begonnen met de giftige dieren. Iedereen had het gevoel dat ze een dergelijke genoegdoening wel verdienden. Opvallend was de tact van de slangen. Ze vermeden het om Maria aan te kijken en bleven een eind uit haar buurt. Daarna namen ze zo rustig en waardig afscheid alsof het duiven of waakhonden waren.
De honden konden het niet laten uiting te geven aan hun bevreemding dat zij niet in de stal mochten wonen, zoals de os en de ezel. Als antwoord kregen ze van iedereen een vriendelijke aai. En zo gingen ze dankbaar weer weg.
Maar toen de os en de ezel de lucht van de leeuw roken, werden ze onrustig. Vooral omdat die lucht probleemloos de wierook, de mirre en de andere geuren overstemde die de koningen kwistig verspreid hadden.
De os had er wel waardering voor dat Maria en Jozef zo goed van vertrouwen waren, maar dat ze zo'n kind, zo'n teer vonkje, in aanraking brachten met een dier dat het in één adem uit kon blazen...
De leeuw kwam binnen met zijn manen die nooit door iemand anders waren gekamd dan door de woestijnwind. Zijn weemoedige ogen zeiden: 'Ik ben de leeuw, kan ik het helpen? Ik ben maar de koning der dieren.'
Je zag dat zijn grootste zorg was om zo weinig mogelijk plaats in de stal in te nemen, en dat viel niet mee. Hij deed vreselijk zijn best om adem te halen zonder iets in de war te brengen, en om zijn klauwen en zijn enorm gespierde kaken te vergeten. Hij naderde met neergeslagen ogen en verborg zijn prachtige gebit alsof het een afschuwelijke ziekte was.
Hij deed zo bescheiden dat hij blijkbaar hoorde tot het ras van leeuwen die op een dag zouden weigeren de heilige Blandina op te eten. Maria had met hem te doen, en wilde hem geruststellen met een glimlach die ze anders alleen voor het kind overhad. De leeuw keek recht voor zich uit met een blik alsof hij, nog wanhopiger dan eerst, wilde zeggen: 'Wat kan ik eraan doen dat ik zo groot en sterk ben? Jullie weten dat ik altijd door honger en door de open lucht werd gedreven als ik me op een prooi stortte. Jullie kennen toch ook het probleem van iedere jonge welp. We hebben allemaal geprobeerd om planteters te worden, maar planten zijn niets voor ons, we kunnen ze niet verteren.'
Toen boog hij zijn reusachtige kop met de wijduitstaande haren en ging verdrietig op  de harde grond liggen. De kwast van zijn staart zag er net zo triest uit als zijn kop. Hij was omgeven door een grote stilte die iedereen ontroerde.
Toen de tijger aan de beurt was liet hij zich op de grond vallen en maakte zich even zo plat dat hij van pure bescheidenheid als een beddenkleedje voor de kribbe lag. Maar meteen veerde hij alweer op, hernam zijn soepele en goed getrainde vorm, en verdween.
De giraf liet heel even zijn poten in de deuropening zien en iedereen vond dat dat kon worden aangemerkt als een bezoek aan de kribbe.
Hetzelfde was het geval met de olifant: hij nam er genoegen mee op de drempel te knielen en met zijn slurf te zwaaien als met een wierookvat, wat bijzonder in de smaak viel.
Een schaap dat dik in de wol zat wilde meteen geschoren worden, maar men liet het zijn vacht, onder vriendelijke dankzegging, behouden.
Moeder kangoeroe wilde Jezus per se een van haar kinderen geven. Ze zei dat het geschenk uit haar hart kwam en dat ze het makkelijk kon missen, omdat ze thuis nog meer kleine kangoeroetjes had. Maar Jozef wilde er niets van weten en ze moest haar kind weer meenemen.
De struisvogel had meer geluk. Ze legde in een onbewaakt ogenblik een ei in de hoek en verdween geruisloos. Het cadeau werd pas de volgende dag ontdekt door de ezel. Hij had nog nooit zo'n groot en hard ei gezien en dacht dat er een wonder was gebeurd. Maar Jozef hielp hem uit de droom: er werd een omelet van gebakken.
De vissen, die vanwege de betreurenswaardige manier waarop ze adem moeten halen niet uit het water konden, hadden een meeuw opdracht gegeven hen te vertegenwoordigen.
De vogels lieten bij hun vertrek hun gekwinkeleer achter, de duiven hun liefdesliederen, de apen hun apenstreken, de poezen hun warme blik, de tortelduifjes hun zoete stem.
Er gebeurden ook wonderen: de schildpad haastte zich, de leguaan veranderde van houding, het nijlpaard knielde op allersierlijkste wijze neer, en de parkieten hielden hun snavel.
Jules Supervielle. Fragment uit  'Le boeuf et l'ane de la crèche' in L'enfant de la haute mer. Gallimard 1931-1958. Vertaald door Elly Schippers voor 'Sneeuw op de vensterbank', verhalen, liedjes en gedichten voor de winter, sint en kerst, uitgezocht door Rotraut Susanne Berner en Jacques Dohmen. Querido 2002.
Dit fragment is geplaatst met toestemming vooraf van uitgeverij Querido.

dinsdag 22 december 2009

Kerstgedicht. Een schitterend ongeluk

Vrijdag kwam de kerstboom, netjes in een pot
geplant. Daar was mama met het engelenhaar,
de ballen en precies als ieder jaar mocht papa
het snoer van de lampjes weer ontwarren.

Wij voltooiden takken wonderschoon
met snoep en koek, medailles, alle speelgoed
met een gat erin of met een haak eraan.
Namen de kerststal in gebruik.
Kleine broer plaatste naast Jozef en Maria
en hun pasgeboren zoon, het kribbetje en de ezel
een hond en een tijger. En Sinterklaas.
Grote broer reed auto's af en aan,
de stal werd een garage waar voor eerste hulp
de herdertjes bij nachte stonden.
Achter de stal een fel-oranje megawup,
als een reusachtig ondergaande zonne.
F. Starik. In: Songloed. Nieuw Amsterdam, 2007.

maandag 21 december 2009

Kikker en de winnaars schrijfwedstrijd 'Schrijf je eigen fabel'

He was moeilijk om drie winnaars te kiezen uit alle inzendingen voor de schrijfwedstrijd 'Schrijf je eigen fabel', maar het is gelukt. De winnende fabels zijn:
1. 'Kikker' van Damian en Emmy Berndes uit Watervliet, Belgie, samen met hun moeder Monique. 
2.  'Van de schildpad en de haas' van Björn Canfijn uit het Noordbrabantse Kruiskamp.
3. 'Het varken en het zwijn' van Henk Oortgijs uit Zutphen.

Vandaag 'Kikker'. Binnenkort de andere twee winnaars:
Kikker zat in de vijver en hoorde haan kraaien.
Onmiddellijk begonnen de kippen met hun vleugels te zwaaien.
Ze gaven hem een geweldig applaus en kakelden door elkaar heen.
Kikker was bedroefd en zei: ‘Wat een applaus, waarom krijg ik er geen!’
Toen besloot kikker om ook eens te kraaien.
Hij sprong op het dak en begon met zijn armen te zwaaien.
Hij riep: ‘luister allemaal goed en kijk eens naar mij!’
Hij opende zijn mond en kraaide heel blij.
Maar de kippen konden het niet waarderen en lachten hem uit.
De haan drukte hem aan de kant en kraaide nog eens heel luid.
Hij kreeg weer een applaus en een zoen van kip Salmiak.
Kikker sprong terug in de vijver en voelde zich zwak.
‘Waarom kan ik niet zoals de haan zijn, zo mooi en zo krachtig,
met verschillende kleuren en een stem o, zo prachtig.’
Toen kwam kikker Lien en riep: ‘Dat was een mooi gekwaak!
Veel beter dan de haan met zijn lelijke uitspraak.’
Kikker was heel blij om te horen,
dat er toch nog iemand was die zijn gekraai wel kon bekoren.
De prijs 'Boven in een groene linde zat een moddervette haan' komt zo snel mogelijk naar de winnaars toe.

vrijdag 18 december 2009

Siberië

Het wordt vannacht tot min vijftien graden Celsius.  Daarom dit heerlijke warmwordt-gedicht van Bart Moeyaert:
Geef me je jas
van bont van teddyberen.
Sla je arm om me heen
en al je winterkleren.
Zoen me tot ik warm word.
Zoen me tot ik spin.
Trek je eigen huid dan uit,
stop mij eronder in.
Sus me met je hartslag.
Wij ons wij ons wij ons.
Maak van dit veel te grote bed
een heel klein fort van dons.
Bart Moeyaert. Uit: Verzamel de liefde. Querido 2004
Dit gedicht is geplaatst met toestemming vooraf van uitgeverij Querido.

zondag 13 december 2009

Hoe noem je een kat?

Hoe noem je een kat? Geen eenvoudig karweitje,
Dat flans je niet zomaar even te saam;
Wie weet denk je: díe heeft ze niet op een rijtje,
Als ik zeg: een kat vraagt om EEN DRIEDUBBELE NAAM.
Allereerst dus een naam om in huis te gebruiken,
Zoals Willempie, Sambal of Jan zonder Blaam,
Zoals Tjebbe of Frederik, Droppie of Kuiken-
Allemaal hoogst acceptabel qua naam.
Er zijn chiquere namen, ze klinken wat beter,
Deels voor meneer zelf en deels voor madame:
Zoals Plato, Apollo, Electra, Demeter-
O, allemaal hoogst acceptabel qua naam.
Maar geloof me: een kat eist een naam die bijzonder is,
Een naam die een wonder is, uiterst voornaam,
Want hóe straalt hij uit dat hij geen slome donder is,
Maar juist een seigneur als hij glimt voor het raam?
Ik bied je een selectie uit die aliassen,
Zoals Snorrescha, Xinix of Oui-doume-ouat,
Zoals Bomballerien of, zeg Antimakassa-
Titels, nimmer bestemd voor meer dan één kat.
Maar inzonderheid is daar die naam nog, die ene,
En dat is de naam die je vindt voor geen goud;
De naam door geen mensenverstand bij te benen-
Die ALLEEN DE KAT ZELF KENT, en stug voor zich houdt.
Weet, wanneer je een kat heel intens na ziet denken,
De reden is steeds weer: hij zit aangenaam
En innig verrukt al zijn aandacht te schenken
Aan zijn heerlijke, heerlijke, heerlijke naam:
Zijn onzegbaar onzegbare
Zegbaaronzegbare
Zeer ondoorgrondbare hogere Naam.
T.S. Eliot. Uit: Kobus Kruls parmantige kattenboek. Vertaling Gerrit Komrij. Bert Bakker, 1987.
Hier het origineel:
The Naming of Cats
The Naming of Cats is a difficult matter,
It isn't just one of your holiday games;
You may think at first I'm as mad as a hatter
When I tell you, a cat must have THREE DIFFERENT NAMES.
First of all, there's the name that de family use daily,
Such as Peter, Augustus, Alonzo or James,
Such as Victor of Jonathan, George or Bill Bailey -
All of them sensible everyday names.
There are fancier names if you think they sound sweeter,
Some for the gentlemen, some for the dames:
Such als Plato, Admetus, Electra, Demeter -
But all of them sensible everyday names.
But I tell you, a cat needs a name that's particular,
A name that's peculiar, and more dignified,
Else how can he keep up his tail perpendicular,
Or spread out his whiskers, or cherish his pride?
Of names of this kind, I can give you a quorum,
Such as Munkustrap, Quaxo, or Coricopat,
Such as Bombalurina, or else Jellylorum -
Names that never belong to more than one cat.
But above and beyond there's still one name left over,
And that is the name that you never will guess;
The name that no human research can discover -
But THE CAT HIMSELF KNOWS, and will never confess.
When you notice a cat in profound meditation,
The reason, I tell you, is always the same:
His mind is engaged in a rapt contemplation
Of the thought, of the thought, of the thought of his name:
His ineffable effable
Effanineffable
Deep and inscrutable singular Name.
T.S. Eliot. Uit: Old Possum's Book of Practical Cats. Uitgever Faber and Faber, 1987. 
Wist je  dat de musical Cats op dit boekje is gebaseerd? En dat de dichter, een serieuze en beroemde Engelse dichter, het voor z'n kleinkinderen heeft geschreven?

zaterdag 12 december 2009

Handleiding voor een held

Ooit een held gezien? Of ben je er zelf soms één?
Held word je niet zomaar en toch ook weer
wel. Het kan je overkomen als een ziekte,
stom toevallig, zonder dat een mens
begrijpt waarom nou uitgerekend jij -

Je bent geen held als je je groot houdt
en niet bang bent en niet boos. je bent
een held wanneer je zegt: dit is heel slecht
en daarom maak ik er het beste van.

Je bent een held als je gewoon je kaarten
pakt en speelt. Hoe het ook afloopt, voor
een held is het spel pas over als het over is,
geen tel daarvoor. Hoor je? Geen tel.
Ingmar Heytze. Uit: Helden, UMCO, 2007.

maandag 7 december 2009

Wachten

Wachten
Zit ik weer
op de stoep

te wachten tot ik wegloop
of terug naar binnen ga.

Soms kijkt mijn zusje
om de hoek, ben ik er nog?

Altijd krijg ik zo
een hekel aan mezelf.

Ook al méén ik
dat ik hier zit

en zo meteen
echt wegloop,

echt eindelijk wegloop,
nooit meer terugkom

toch heb ik liever
een zusje dan niemand.
Diet Groothuis. Uit: Waar ik ben, ill. Merel Eyckerman. De Eenhoorn, 2012.

vrijdag 4 december 2009

Opa sneeuwt

Opa wijst naar waar de
hoge bomen staan.
Kijk, zegt hij ontdaan,
ginder vliegen leeuwen.
Hij trekt aan zijn sigaret
en begint te zweten.
Opa bedoelt het goed,
weet wel hoe het moet,
maar zegt in zijn
hoogsteigen alfabet
dat leeuwen vliegen.
Is dit liegen?
Nee hoor.
Hij zoekt gewoon naar
meeuwen. Hapert,
wil het van de daken
schreeuwen
terwijl het in zijn hoofd
zacht begint te sneeuwen.
Pat Donnez. Uit: Kwam dat zien, kwam dat zien. Querido 2008.
Meer van Pat Donnez op: http://www.patdonnez.be/
Dit gedicht is geplaatst met toestemming vooraf van uitgeverij Querido.

woensdag 2 december 2009

Achter het behang

Mijn zusje was als kleuter
een heel vervelend kind.
Zo'n kind dat stoute dingen doet
en kattekwaad verzint.
Ze gaf nooit braaf een handje.
Ze zei nooit dankjewel.
Ze drukte voor de grap
bij alle buren op de bel.

Ze klom in alle bomen,
ze klom zelfs op het dak,
tot aan de hoogste schoorsteenpijp.
Dat kon ze met gemak.
Daar zat ze, in de dakgoot,
net als Sinterklaas
en riep: 'Ik wil een boterham,
maar niet met pindakaas.

Een boterham met muisjes,
komkommer en tomaat.'
Mijn moeder keek verschrikt omhoog
en riep ten einde raad:
'Ik kan er niet meer tegen.
Ik houd het niet meer uit!'
Toen kwam mijn vader van zijn werk
en nam een kloek besluit.

Hij leende bij de buurman
behangsel en een kwast,
klom langs de regenpijp omhoog
en greep mijn zusje vast.
Hij greep haar bij haar lurven,
en hij droeg haar naar de gang
en plakte haar met ferme streken
achter het behang.

Daar is ze blijven zitten
tot eenentwintig maart.
En of het iets geholpen heeft?
Natuurlijk, uiteraard.
Ze doet niet meer vervelend,
is nooit meer onbeleefd
en geeft nu braaf een handje
(dat nog wel een beetje kleeft).
Bette Westera. Uit: Mijn zusje achter het behang. Illustraties Barbara de Wolf. De Fontein, 2008. Achter in het boek zit een cd met de gedichten op muziek.

maandag 30 november 2009

Beter laag-bij-de-gronds, dan hoog van de toren

Loze kreten die van alles beloven.
Lege leuzen die gekken geloven
die maar schreeuwen vol lawaai en geweld.
Beter weinig gezegd, dan veel laten horen.
Beter laag-bij-de-gronds, dan hoog van de toren.

Houd jij je te strak aan je eigen principes?
Hoor je tot van die drammerige types?
Heb met mensen geduld, blijf een beetje mild.
Beter weinig gezegd, dan veel laten horen.
Beter laag-bij-de gronds, dan hoog van de toren.

Het waren vaak woorden die kwetsten en griefden
gebruik dus niet te snel zo'n groot woord als Liefde.
Zeg niet te gauw dat je van iemand houdt.
Beter weinig gezegd, dan veel laten horen.
Beter laag-bij-de gronds, dan hoog van de toren.

Ga niet bidden in hoogvrome woorden.
Stel je voor dat God je eens hoorde
dan zit je eraan vast want Hij houdt je eraan.
Beter weinig gezegd, dan veel laten horen.
Beter laag-bij-de gronds, dan hoog van de toren.
Uit: Het hoogste Woord, redactie Hanna van Dorssen, tekeningen Guida Joseph. NZV Uitgevers/Uitgeverij Fontein, 2003.
Waarom at Eva een appel? Waarom zaten de dieren in de ark van Noach? Waar komt de uitdrukking 'het gouden kalf' vandaan? Of je in God gelooft  of niet, in de Bijbel staan prachtige verhalen en gedichten. 
Je snapt heel veel niet als je ze niet kent. 
Een van de beste kinderbijbels van dit moment is Het hoogste woord waar beroemde kinderboekenschrijvers als Imme Dros, Karel Eykman en Remco Ekkers aan hebben meegewerkt. Karel Eykman heeft de tekst hierboven gemaakt, gebaseerd op het boek Prediker.

woensdag 25 november 2009

Weet je wat

Weet je wat, dacht een man
ik ga medelijden hebben met mijzelf,
een medelijden zo groot als een steen,
als een rots, als een wolkenkrabber!
En als ik eenmaal zoveel medelijden heb met mijzelf
dan ga ik mijzelf troosten.

Hij wreef zich in zijn handen,
floot een liedje,
liep door zijn kamer heen en weer.
De zon scheen door de ramen.
Dat ga ik doen, dacht hij,
en hij ging zitten
en boog zijn hoofd.
Toon Tellegen. Uit: Over liefde en over niets anders. Querido, 1999.
Dit gedicht is geplaatst met toestemming vooraf van uitgeverij Querido.

zondag 22 november 2009

Lekker lezen: Groene eieren met ham

Ik ben Bram!  (zegt Bram)
Wat Ik-ben-Bram! (zegt hond)
Wie Ik-ben-Bram! (hond)
Ga weg, ik wil geen
Ik-ben-Bram!

Bram: En groene eieren met ham?
Hond: Groene eieren met ham? Nee, Ik-ben-Bram, daar houd ik niet van.
Bram: Je vindt ze heerlijk, dat zul je zien. Boven in een boom misschien?
Hond: Hou toch op. Wees toch stil. Ik zeg toch dat ik ze niet wil. Niet in het bos. Niet met een vos.
Niet in mijn huis. Niet met een muis.
Ik wil ze niet hier. Ik wil ze niet daar.
Ik lust ze niet. Neem jij ze maar.
Ik wil ze nergens, Ik-ben-Bram, jouw groene eieren met ham.
Zo gaat het maar door. Op de laatste bladzijde vindt hond groene eieren met ham HEERLIJK.
De lol van Dr. Seussboeken: korte teksten, woordgrappen, vrolijke tekeningen. Nog een superleuk Dr. Seuss-boekje: Oh, the Thinks you can Think. Jammer, maar ik kan hem niet in het Nederlands vinden: 
You can think about red
you can think about pink.
Oh, the Thinks
you can think up
if only you try!

If you try,
you can think up
a GUFF going by.

And you don't have to stop.
You can think about SCHLOPP.
Schlopp. Schlopp. Beautiful schlopp.
Beautiful schlopp
with a cherry on top.
Enzovoort. Fantastische onzin. 
Dr. Seussboekjes zijn al hardstikke oud maar nog steeds geweldig. Je vindt ze in de bibliotheek of via internet.
Dr. Seuss. Groene eieren met ham, vertaling Bette Westera. Gottmer 2004.
Dr. Seuss. Green eggs and ham, Random House 1960.
Dr. Seuss. Oh, the Thinks you can think!, Random House 1975.

vrijdag 20 november 2009

Mededeling

In verband met 5 december
(e-mail van de sint himself):
voortaan koop je je pistooltjes
en revolvertjes maar zelf.

Vroeger dacht ik: een geweertje
is wel grappig voor zo'n joch.
Kan 'ie fijn soldaatje spelen.
Pief, poef, paf! Gezellig, toch?'

Maar de sint leest ook de kranten
en hij kijkt naar het journaal;
báált behoorlijk, ondertussen,
van dat vechten allemaal.

Sinasappels kun je krijgen,
speculaas en marsepijn.
Voor munitie en voor wapens
moet je bij de sint niet zijn.
André Sollie. Uit: Altijd heb ik wat te vieren. Querido, 2009.
Dit gedicht is geplaatst met toestemming vooraf van uitgeverij Querido.

maandag 16 november 2009

Schrijfwedstrijd: Moddervette haan: schrijf je eigen fabel, win het boek!

Boven in een
groene linde
zat een
moddervette haan.
Vos liep langs en
dacht: Wat lekker!
Hoe krijg ik hem
daar vandaan?

'Lieve haan, ik
deed vaak rottig
en dat was niet
mooi van mij.
Ik wil dolgraag
vrede sluiten.
Kom, dan leggen
we het bij.'

'Vrede?' vroeg de
haan wantrouwig.
'Je bedoelt een
soort verbond?
Geldt dat dan
voor alle dieren,
ook bijvoorbeeld
voor de hond?
Kijk, daar komt hij
net de hoek om,
zie je wel,
die Deense dog?'
Toen begon de
vos te rennen
en hij rent
waarschijnlijk nog.
Deze fabel (weet je wat dat is?: een verhaaltje waar je van kunt leren waar dieren in optreden) staat in het boek 'Boven in een groene linde zat een moddervette haan'. Er staan 75 fabels in, prachtig op rijm gezet door Maria van Donkelaar en Martine van Rooijen. De geweldige tekeningen zijn van Sieb Posthuma. Leuk om voor Sinterklaas te vragen!

Nog leuker: je kunt dit boek winnen! Schrijf je eigen fabel en stuur het naar stuurnaardiet@gmail.com. Onder de beste inzendingen mag ik van de uitgever DRIE exemplaren van dit boek verloten. Let op: Je kunt insturen tot 20 december 2009. Je fabel mag niet langer dan 20 regels zijn! Vergeet niet je naam, adres en leeftijd erbij te zetten.
Uitgeverij Gottmer, 2009. Het boek heeft het Gouden Penseel 2009 gewonnen. Op de site van Gottmer vind je ook de tekenwedstrijd 'teken je eigen fabeldier'. Je kunt er een tekenworkshop olv Sieb Posthuma zelf mee winnen: www.gottmer.nl

donderdag 12 november 2009

Moe

Ik ben zo moe, zo moe, zei het geitje.
Het zakte door zijn knieën
en plofte op het weitje.
Het weitje zei: ik ben ook zo moe.
Het rolde zich op
en dekte het geitje zo toe.
Iene Biemans. Uit: Al mijn later is met jou. Querido, 2004.
Dit gedicht is geplaatst met toestemming vooraf van uitgeverij Querido.

dinsdag 10 november 2009

Warme chocomel

Als het buiten te koud is om nog te kunnen spelen,
als de blaadjes van de bomen beginnen te vergelen,
als het weer tijd is voor schaatsen en warme chocomel,
als iedereen wel in is voor een bordspel,
als de klok een uur achteruit wordt gezet,
als je erwtensoep afveegt aan je servet,
als het tijd is om weer van Sinterklaas te dromen,
dan.....
dan is de herfst gekomen.

Krijg je al zin om je schoen te zetten? Dat is te vroeg. Maar warme chocomel lijkt me een goed idee. 
Vera (12) stuurde dit gedicht. Dank Vera!

maandag 9 november 2009

Rare tip

Een prentenboek, is dat raar op een weblog met kindergedichten?
Volgend jaar gaat de Kinderboekenweek over tekeningen (beeldtaal) in kinderboeken.
'Waar is de taart', een boek zonder woorden, is volgens Jongetje van Acht "het leukste boek".  

Je kunt je bij dit boek lekker uitleven in zelf iets bedenken. Zeker tien aparte verhalen zitten er in de tekeningen verstopt en aan het eind komen ze allemaal bij elkaar.  Na  uren kijken heb je nog niet alles 'gelezen' en zelfs als je denkt dat je alles hebt gezien, ontdek je de volgende keer weer iets nieuws.
Superboek, heel lekker ook vlak voor je gaat slapen. 

Mirjam Oldenhave schrijft volgend jaar trouwens het Kinderboekenweekgeschenk.
Waar is de taart? Thé Tjong-Khing. Querido, 2004.

donderdag 5 november 2009

Voor gelukkige mensen

NU
Ik adem niet, ik zing.
zelfs als ik zucht, klinkt het
per ongeluk alsof ik
een paar noten neurie
die me vannacht, terwijl
ik sliep, zijn voorgezongen.
Het is alsof de lucht
mijn deken is en ik
mijn hoofd het liefst
te rusten leg op het kussen
van mijn longen, de plek
waar ik mijn hartslag hoor
in vierkwartsmaat:
dat ik besta, dat ik besta.
Als je (nog) niet gelukkig bent, word je het van dit gedicht wel!
Bart Moeyaert. Uit: Gedichten voor gelukkige mensen. Querido, Amsterdam, 2008
Dit gedicht is geplaatst met toestemming vooraf van uitgeverij Querido.

dinsdag 3 november 2009

Zieke hamster

Jongetje van Achts hamster is ziek. Jongetje van Acht is verdrietig.   
Hamsters
1
Toen ik ze had, elk zes vijftig, Sjakie de bruine,
Tomas de gevlekte, droeg ik ze tegen
mijn trui mee naar huis. Zulke kleine
ribbetjes, haren van schrik
rechtop, pluis met oorflapjes tussen
twee knopen van mijn jek tot aan de oogjes.
2
Hamsterwol moesten ze, nesten
bouwen om zich warm te houden. In de
winkel woonden ze samen, goed gewend,
geen bezwaar, zei de man met de handen vol littekens. Maar
in mijn kooi met radje, trap, verdieping,
ingebouwd voerbakje, drinkfles, kozen ze prompt
elk een kant, bouwden ieder een wollen
fort in een hoek met wallen van turfmolm erlangs,
wand tot wand. Sliepen onder de grond, ze zouden van hun
leven geen stom woord meer met elkaar spreken.
3
‘Die, die je altijd ziet, dat is Sjakie. Wildkleur:
die worden ouder, heb je langer.’ Liet
zich vangen, aaien, keek naar me omhoog
vanonder bibberig dons, hee ga je met me
spelen? Zo licht, geen half ons,
twintig doorschijnende tenen. Voorzichtig begon hij
appel in zijn wangzakken mee te nemen.
4
Tomas zag je bij vlagen. Hij vloog
haastig zijn wol uit, schoot er
vlug weer in terug. Altijd de baas in het radje,
baas bij de drinkfles, altijd de sterkste; knapste
bouwer ook, hij met zijn burcht die elke dag meer
plaats innam, steeds dichter bij
Sjakies slordige fort kwam. Op het laatst durfde hij:
haastig in zijn wangen Sjakies hele
wintervoorraad naar zijn eigen nest.
5
Sjakie antwoordde briljant –
hamsterwol mee naar de voerbak, hij bouwde een soort
nest om het voer, ging erin liggen slapen. ‘Hij heeft,’
zei mijn vader verbaasd, ‘echt verstand,’
6
Bloed aan het radje, bloed aan de tralies waarin
zomaar Sjakie hing. ‘Nul komma drie milliliter
bloedverlies is dodelijk,’ las ik in Het
Hamsterboek, ‘dat is éénderde
vingerhoed. Leg een servet
of zakdoek op de wond, duw goed; het is zaak
het bloeden te stelpen. Trek handschoenen aan want een hamster
bijt altijd raak.’ Niemand wilde me helpen.
7
Tomas kreeg een nieuw huis. Hij rende er rond,
‘Sjakie?’ Geen Sjakie. Toen groef hij zich in tot de bodem,
door het glas zag je hem aldoor bezig eten diep in
het donker te stoppen, er meer en meer bij te leggen.
Hij moet weg van mijn vader. Ik heb immers Sjakie, die mooier,
tammer is, kunstjes kan leren. Ik wilde niet zeggen
hoe ik had gehoopt dat juist Tomas, Tomas alleen
op mijn hand zou kalmeren, zich laten
aaien, hamstertaal met me zou praten,
zacht aan mijn nagels zou knagen, stof van mijn mouw

in zijn gevlekte wangen nemen zou.
Eva Gerlach. Uit: Hee meneer Eland. Querido 1999.
Dit gedicht is geplaatst met toestemming vooraf van uitgeverij Querido.

zondag 1 november 2009

Dood

Ik ben, jij bent, het is, wij zijn.
Plotseling was jij weg.
Hoe weg is weg?

Aan de kapstok hangt je jas.
Je das steekt in de mouw,
een vleugje jou.

Op plaatjes aan de muur
en in mijn hoofd zie ik je staan.
Je kijkt me aan.

Ik zwaai en draai
me om, weet niet
of je dat ziet.

Jij bent, ik ben.
Wij zijn.
Blijf jij?
Diet Groothuis. Geschreven voor de herdenkingsdienst voor overledenen in de Nicolaikerk Utrecht, 1-11-2009.
Vandaag en morgen denken mensen aan gestorven vrienden en familieleden. Dat heet Allerheiligen/Allerzielen. In Mexico maken ze de graven schoon, zetten bloemen en lichtjes neer en zingen liedjes. In Nederland doen veel mensen het met een kaars en bloemen in huis of kerk. 
Wist je trouwens dat Allerheiligen al sinds de negende eeuw - dus meer dan DUIZEND  jaar - een christelijke feestdag is waarop de rooms-katholieke kerk heiligen herdenkt? En op Allerzielen op 2 november alle andere gestorven mensen? Allerheiligenavond, de avond van 31 oktober, heet in het Engels Halloween. Dat wist je vast niet, dat Halloween van Allerheiligen komt.

vrijdag 30 oktober 2009

Sokken

Knolletjes sokken
Gek dat mensen
sokken gevangen houden
in het donker van hun kasten.
Tot pijnlijk strakke knolletjes gedraaid
in een achterwaartse salto
flik-flak met dubbele knopen
alsof iedereen bang is
dat ze weg willen lopen.
Maar sokken
hoef je niet te mishandelen,
want zonder voeten
houden ze niet van wandelen.
Jaap Robben. Uit: Zullen we een bos beginnen? De Geus, 2008

woensdag 28 oktober 2009

V/leeswijzer

Heb je de Vleeswijzer al ? Gisteren op het jeugdjournaal kon je hem zien. Er staat op welke dieren wel en niet een goed leven hebben gehad en ook welk vlees en welke vleesvervangers niet slecht zijn voor het milieu. Als je het gemist hebt: op www.vleeswijzer.nl staat alle informatie!
Als je dit gedicht hebt gelezen, ga je er vast op letten!
Flat of living dead
We zaten in de auto, wachtend op groen
toen naast ons een flatgebouw stopte.
Ik geloofde mijn ogen
maar zag niet meteen wat ik zag.

Tien breed, acht hoog, 80 laden
kip. Niet opeengepakt, welnee
er konden vingers tussen.
Laden te laag om in te staan.

Ze keken me niet aan, hun ogen
achter vliesjes, soms langzaam
opengaand: het ooglid van een zieke
vóór hij zijn slaap in daalt.

De wind tastte door de tralies, plukte
aan veertjes, geen kip keek nog op.
Groen. Het duurde lang voor ik
mijn hoofd weer naar voren toe kon doen.
Akelig hè? Je kunt er zelf iets aan doen! Bestellen die Vleeswijzer! En download dan meteen ook de Supermarktmonitor en stuur een briefje aan jullie supermarkt dat ze meer en betaalbaar biologisch vlees gaan verkopen. Want kippen moeten lekker buiten kunnen scharrelen.
Kees Spiering. Uit: Kwam dat zien! Kwam dat zien! Querido, 2008.
Dit gedicht is geplaatst met toestemming vooraf van uitgeverij Querido.

maandag 26 oktober 2009

Taart! Heksen!

Ik bak een taart
en eet hem op
en zet een stukje op jouw kop.
Rara, wat is dat? schrijft Jongetje van Acht.
Een GEDICHT natuurlijk. Jongetje van Achts eerste gedicht. Hij snapt het!
Mochten je ouders of de meester binnenkort naar een boekwinkel of webshop gaan laat ze dan naar Leendert Witvliet kijken. Ik kan je niet laten lezen hoe leuk zijn gedichten zijn want op mijn verzoek zijn gedichten te mogen gebruiken schrijft hij: "Ik wens u veel succes toe met uw blog, maar helaas, ik zal niet mee doen. Ik ben nog steeds van mening dat gedichten op papier moeten. Ik hoop dat u begrip kunt opbrengen voor mijn standpunt. Met vriendelijke groet, Leendert Witvliet"
Dat snap ik. Op papier zijn gedichten leuker dan op de computer. Je kunt ze vastpakken, onder een boom lezen of ruiken. 
Maar kinderen die geen boeken lezen moeten ook gedichten kunnen vinden, dus daarom toch dit blog. Misschien vindt Leendert  Witvliet het niet erg als ik één regeltje laat zien van een lekker griezelig gedicht. Het heet De heksen komen eraan en  staat in de bundel: Over het water en onder de maan: "ze binden je vast en nemen je mee".  Lekker eng!
Over het water en onder de maan. Querido, 2003

vrijdag 23 oktober 2009

Ben je kwaad? Lees Draak!


Er vliegt een draak langs het raam
altijd als ik kwaad of bedroefd lig te huilen
op mijn bed. Vlammen slaan uit zijn
verschrikkelijke muil vol zwarte tanden,
er komt een rook achter hem aan

en ik doe het raam open.
O Draak zeg ik kom bij mij er is geen gevaar.
Hij komt mijn kamer in gekropen met zijn
vreselijke klauwen ieder zo groot als een hand

en wij omhelzen elkaar en dansen de dans
die Draken dansen in tijden van oorlog en hij
schiet ervandoor, een brand in de nacht en ik kijk
hem na, misschien dat ik weer naar beneden ga.
Eva Gerlach. Uit: Hee meneer Eland, tekeningen Charlotte Vonk. Querido 1999.
Dit gedicht is geplaatst met toestemming vooraf van uitgeverij Querido.

woensdag 21 oktober 2009

Lekker stout


Ik wil niet meer, ik wil niet meer.
Ik wil geen handjes geven!
Ik wil niet zeggen elke keer:
Jawel mevrouw, jawel meneer...
nee, nooit meer in m'n leven!
Ik hou m'n handen op m'n rug
en ik zeg lekker niks terug!

Ik lust geen vieze havermout,
ik wil geen tandjes poetsen!
'k Wil lekker knoeien met het zout,
ik wil niet aardig zijn, maar stout
en van de leuning roetsen
en schipbreuk spelen in de teil
en ik wil spugen op het zeil!

En heel hard stampen in een plas
en dan m'n tong uitsteken
en morsen op m'n nieuwe jas
en ik wil overmorgen pas
weer met twee woorden spreken!
En ik wil alles wat niet mag,
de hele dag, de hele dag!

En ik wil op de kanapee
met hele vuile schoenen
en ik wil aldoor gillen: Nee!
En ik wil met de melkboer mee
en dan het paardje zoenen.
En dat is alles wat ik wil
en als ze kwaad zijn zeg ik: Bil! 
Annie M. G. Schmidt. Uit: Ziezo. Querido 2004.
Dit gedicht is geplaats met toestemming vooraf van uitgeverij Querido.

maandag 19 oktober 2009

Kom zo naar me toe

Klim over het hek.
Glijd op je kont over
het natte gras.
Ruik naar aarde,
rottende blaren,
de vingers van het bos.
Groet onderweg
wat opschrikt
en in holen zit.
Gil vander Heyden. Uit: Kwam dat zien! Kwam dat zien! Querido, 2008
Dit gedicht is geplaatst met toestemming vooraf van uitgeverij Querido.

vrijdag 16 oktober 2009

Tip: Fluit zoals je bent

Vandaag een zíelig gedicht. Dus niet verder lezen als je daar niet tegen kunt.
Papa en ik zongen
in een groen, groen knollenland
toe we jou
- heel parmant - zagen zitten
langs de kant van de weg.
Hoorden je lange oren niets?
En wat zagen je ogen?
Speelde je soms haasje-over
met de banden van onze wagen?
Na de klap
waren wij stil.
Ik keek naar papa.
Die leek ineens
op een verdrietige jager.
Dichter: Linda Vogelesang. Uit: Fluit zoals je bent. Edward van de Vendel heeft de gedichten uitgekozen en Carl Kneut maakte de mooie tekeningen.

Dit gedicht, niet zielig maar grappig, staat er ook in: 
Alle wriemeldiertjes
alle wiebeldiertjes
alle kruip- en kriebeldiertjes
zitten verstopt in het hoge gras.
Ik zou maar op mijn tenen lopenals ik jou was.
Dichter: Joke van Leeuwen. UitgeverijQuerido/De Eenhoorn, 2009

Trouwens: Edward vd Vendel krijgt op 6 november De Glazen Globe voor zijn boek De Gelukvinder, over de vlucht van Hamayun en zijn familie uit Afghanistan. De Glazen Globe wordt om de twee jaar gegeven aan de beste aardrijkskundige jeugdroman. Gefeliciteerd Edward!

De gedichten zijn geplaatst met toestemming vooraf van uitgeverij Querido.

woensdag 14 oktober 2009

Moppen

"Ik hou niet van gedichten" zegt Jongetje van Acht pruilend.

"Pech gehad" zeg ik. "Vandaag kies ik wat we lezen".

"Haha, leuk plaatje"zegt hij. Hij pakt het boek uit mijn handen.

"Die eet zijn oor op" grinnikt hij. Hij leest - hardop - het gedicht bij de tekening. Dan de rest.

"Dit zijn een soort moppen als gedicht" zegt Jongetje van Acht. "Alleen snap ik ze niet allemaal. Wat is wablief?"
"Dit vind ik de leukste" zegt hij:
"Beleefd
Aan de rand van het bos
moet je kloppen op de bomen.
En dan netjes blijven wachten.
Tot de dieren roepen
dat je binnen mag komen."
leest hij.

"En dan deze" zegt hij:
"Groeten
Vele groeten
en een dikke kus!
zo stond het op een kaart.
De groeten
heb ik weggegeven,
de kus heb ik bewaard."

Alle gedichten waren uit. Jongetje van Acht ging naar bed. Veel te laat!


Geert de Kockere.
In: Het Koekeloerelaantje. Tekeningen van Kristien Aertssen. Medaillon/De Eenhoorn, 1999.

maandag 12 oktober 2009

Confetti


Het Litenatuurtje van Geert de Kockere van vandaag:

In de herfst
is het haast
elke dag feest
in het bos.

De bomen
gooien er voortdurend
met confetti.

Als je naar beneden scrollt, kun je rechtsonder op deze pagina ook nog op de prachtige foto erbij klikken! Meer van dit en ander moois: http://www.geertdekockere.be/

zaterdag 10 oktober 2009

In je hoofd kun je alles


In je hoofd
kun je alles.
Fietsen naar de maan,
boven op de wolken staan.
Strelen met je handen los,
lopen door een donker bos.
Vechten als een tijger,
dansen met een elf.
Afscheid nemen
zonder tranen,
alles gaat vanzelf.
Theo Olthuis. Uit: In je hoofd kun je alles, Uitgeverij Holland, 2007. Het gedicht staat ook op een Plintposter. http://www.theo-olthuis/
De Nobelprijs voor literatuur is de grootste prijs die een schrijver kan winnen. Deze week kreeg de schrijfster Herta Müller in Duitsland hem. Ze zegt: "poëzie is niet iets aangenaams. Je houdt er geen goed gevoel aan over".
Toch helpt poëzie soms- echte poëzie, niet zomaar een versje - juist wel. Dan word je warm als je het koud hebt, ga je lachen als je huilt en krijg je nieuwe ideeën als je hersens vastlopen. 

vrijdag 9 oktober 2009

Skep: Als dichters dansen


Als dichters dansen, valt de maan dan in zevenentwintig stukjes in de oceaan? Of gaan alle mensen lachen, omdat dichters moeten schrijven en niet dansen?

Als je tussen 4 en 12 jaar bent kun je bij Skep, Stichting Kinderen en Poëzie, meedoen met een gedichtenwedstrijd over dansende, kreupele of, wie weet, zwijgende dichters. Als de jury jouw gedicht uitkiest komt het in een echt boek.
Hiernaast zie je het boek met de winnende gedichten van vorig jaar. Heel veel kinderen deden mee. Skep zegt dat de postbode in november bijna elke dag een grote zak post kwam brengen. Veel kinderen versierden en knutselden hun gedicht tot kunstwerk. Meedoen? Download een deelnameformulier van www.skep.nl of stop je gedicht in de brievenbus. Je kunt insturen tot 1 december 2009.