zondag 26 december 2010

Gebreide sjaal en gelukkig nieuw jaar

Fluwelen linten
engelharen
wol van schapen
zilvergaren
een veter uit
een voetbalschoen.
Oranje rijmt 
op donkerblauw
en geel
op kikkergroen.
Soms zijn de draden los en wijd
en 
hier 
is
een steekje kwijt.
Dat is niet erg
dat is juist goed
omdat ik daardoor
denken moet
aan mijn vriend
die dichter is.
Van meters aan
geschiedenis
- garen uit een
wollen jas
van vroeger die
mij niet meer past
en rafeldraden
uit een sprei -
zo breit hij een
gedicht voor mij.
Een versje dat
geen woorden heeft
maar in de winter
warmte geeft.
Mirjam van Houten. Uit: Wie heeft hier met verf lopen smijten. Querido, 2010.
Iedereen een vrolijk en gedichtenrijk 2011 gewenst!
Dit gedicht is geplaatst met toestemming vooraf van uitgeverij Querido.

zaterdag 25 december 2010

Een witte kerst

Met kerst een verhaal in plaats van poëzie. Dit jaar 'Een Witte Kerst' van Godfried Bomans:
Er was eens een man die het kerstfeest grondig wilde vieren. Hij haalde een laddertje uit de schuur en spande langs het plafond de rode papieren slingers die daarvoor garant zijn. Aan de lamp hing hij een van die rode bellen, die opgevouwen weinig lijken, maar naderhand nog aardig meevallen. Toen dekte hij de tafel. Hij had hiervoor urenlang over drie winkels verdeeld in de rij gestaan, maar het zag er dan ook goed uit. Naast elk bord stak hij ten slotte een kaarsje aan, waarvan je er tien in een doos koopt, en klapte in zijn handen. Dit was het teken om binnen te komen. Zijn vrouw en kinderen, die al die tijd in de keuken elkaar met een verlegen glimlach hadden aangekeken, kwamen bedremmeld binnen. "Nee maar," zeiden ze, "dat had je niet moeten doen." Maar omdat hij het toch gedaan had gingen ze blij zitten en keken elkaar warm aan. "En nu gaan we niet alleen smullen," zei de man, " we moeten ook beseffen wat er nu eigenlijk gebeurd is."

En hij las voor hoe Maria en Jozef alle herbergen afliepen, maar nergens was er plaats. Maar het kind werd ten slotte toch geboren, zij het in een stal. En toen begonnen ze te eten, want nu mocht het, al was er dan veel ellende in de wereld.
"Kijk," zei de man "dat is nu Kerst vieren en zo hoort het eigenlijk." En daarin had hij gelijk. En zij verwonderden zich over de hardvochtigheid van al die herbergiers, maar het was ook tweeduizend jaar geleden moet je denken, zo iets kwam nu niet meer voor. En op dat ogenblik werd er gebeld. De man legde de banketstaaf die hij juist aan de mond bracht, verstoord weer op zijn bord.
"Dat is nu vervelend," zei hij, "er is ook altijd wat." Hij knoopte zijn servet los, sloeg de kruimels van zijn knie en slofte naar de voordeur. Er stond een man op de stoep met een baard en heldere, lichte ogen. Hij vroeg of hij hier ook schuilen mocht, want het sneeuwde zo. Het was namelijk een witte Kerst, dat heb ik nog vergeten te zeggen, hoe kan ik zo dom zijn. De beide mannen keken elkaar een ogenblik zwijgend aan en toen werd de een door een grote drift bevangen. "Uitgerekend op Kerstmis," zei hij, "zijn er geen andere avonden." En hij sloeg de deur hard achter zich dicht. Maar terug in de kamer kwam er een vreemd gevoel over hem en de tulband smaakte hem niet. "Ik ga nog eens even kijken," zei hij, "er is iets gebeurd, maar ik weet niet wat." Hij liep terug naar de stoep en keek in de warrelende sneeuw. Daar zag hij de man nog juist om de hoek verdwijnen, met een jonge vrouw naast zich, die zwanger was. Hij holde naar de hoek en tuurde de straat af, maar er was niemand meer te zien. Die twee leken wel in de sneeuw te zijn opgelost. Want het was, zoals gezegd, een witte Kerst.
Toen hij weer in de kamer kwam zag hij bleek en er stonden tranen in zijn ogen. "Zeg maar even niets," zei hij, "die wind is wat schraal, het gaat wel weer over." En dat was ook zo, men moet zich over die dingen kunnen heen zetten. Het werd nog een heel prettig Kerstfeest, het was in jaren niet zo echt geweest. Het bleef sneeuwen, de hele nacht door en zelfs het kind werd opnieuw in een schuur geboren.
Meer lezen: http://www.vragenoverkerst.nl/kerstverhalen/beroemde-verhalen
Godfried Bomans. Een witte kerst.

vrijdag 24 december 2010

woensdag 22 december 2010

Niemand kan haar zien

Tante Nel is niet mijn tante,
maar ze is het wel geweest.
Tante Nel was ooit mijn tante.
Nu is tante Nel een geest.

Altijd als ik jarig ben,
komt ze op bezoek.
Dan wil ze ook een kopje thee
en een plakje koek.

Ze komt niet door de voordeur.
Ze belt niet aan, welnee.
Ze zweeft gewoon naar binnen
en neemt een kopje thee.

Niemand kan haar horen,
niemand kan haar zien,
behalve ik. Daar zit ze,
naast tante Evelien.

Ze kijkt nieuwsgierig om zich heen
en blijft niet al te lang.
Ze drinkt haar thee, ze eet haar koek
en zweeft weer naar de gang.


Ik doe de voordeur open,
maar tante is al weg.
Ik zie nog net haar hoedje
verdwijnen door de heg.

Het is een vrolijk hoedje,
een hoedje met een veer.
'Dag, Bette!' roept het hoedje.
'Tot volgend jaar maar weer.'
Bette Westera. Uit: Mijn zusje achter het behang. Familiepoëzie. Ill. Barbara de Wolf.  De Fontein, 2008. Cd met liedjes met muziek van Diederik van Essel.

maandag 20 december 2010

Bijna kerstverhaal

De nacht is koud en helder
Er is een ronde maan.
Er klinken klikklakhoefjes:
Daar komt een ezel aan.

Hij draagt een vrouw: Maria.
Ze rilt zo nu en dan.
Ze vraagt: 'Zijn we er bijna?'
'Nog even,' zegt haar man.
Mieke van Hooft. Uit: Kerstverhaal. Illustraties Tineke Eirink. Holland, 2008.
Kerstpoëzie is vrij zeldzaam. Dit boekje vertelt in lieve, korte gedichten het kerstverhaal aan jonge kinderen. Nostalgische tekeningen.

vrijdag 17 december 2010

Hop, hop paardje. Zingen en spelen met je kindje.

Ozewiezewoze
wiezewalla
kristalla
kristoze
wiezewoze
wieze, wies, wies, wies, wies.
Truusje Vrooland-Löb. Uit: Hop, hop, paardje. Zingen en spelen met je kindje. Ill. Ceseli Josephus Jitta. Ploegsma, 2010.
Nonsensversjes met lekkere s-klanken waarop het prima zachtjes wiegen is. Wie zingt er nog, behalve op een koor of onder de douche? En zingen met je kinderen is helemaal verleden tijd.  Mocht je met je kleintjes willen zingen, dan is 'Hop, hop, paardje' een fijn boekje. Ruim zeventig behoorlijk bekende kinderliedjes voor op schoot, over eten of in bad, slaap- en wiegeliedjes en zingen met je handen. Inclusief enige pedagogische toelichting. 

woensdag 15 december 2010

Lapje of het verhaal van een kind dat haar naam vindt

Ver weg, achter een muur van bomen,
lag ooit een piepklein dorp.
Het heette Lapje.
Lapje stond op geen enkele kaart.
Wegwijzers ernaartoe waren er niet.
Niemand kwam langs,
niemand ging weg.

Alle mensen leken op elkaar.
Ze droegen min of meer dezelfde kleren
in min of meer dezelfde kleuren.

Lapje stond op geen enkele kaart.
Wegwijzers ernaartoe waren er niet.
Niemand kwam langs,
niemand ging weg.
Maar op een donkere, zwoele nacht,
toen bijna alle dieren en mensen sliepen,
slofte iemand langs de muur van bomen...
Riet Wille. Uit: Lapje of het verhaal van een kind dat haar naam vindt. Ill. Jan de Kinder. De Eenhoorn, 2010.
Lapje is anders. Ze eet andere dingen, speelt andere spelletjes en versiert haar kleren anders dan haar dorpsgenoten. Hoe komen Lea en Lea aan zo'n ander kind? Poëtisch boek, dat qua tekst sterker uitgewerkt had kunnen worden met mooie tekeningen.

maandag 13 december 2010

De koe zonder staart


Een koe in Apeldoorn,
die had haar staart verloren,
die had haar staart verloren, zo maar, midden in de week.
Ze was op straat gaan lopen
om kina-wijn te verkopen
en heeft die staart verloren, toen ze eventjes niet keek.

Ze kon 'm nergens vinden
en vroeg aan alle vrinden:
Heb jullie ook een staart gezien? Zo eentje met een kwast?
Nee, zeiden alle ossen,
en zeker niet een losse,
we hebben wel een staart gezien, maar ja, die zat nog vast!

Je ziet het niet van voren!
zei men in Apeldoorn,
je ziet het wel van achteren, maar hindert dat? Och kom...
De koe ging aan het schreien
en alle ossen zeien:
We kunnen haar niet troosten want ze wil die staart weerom.

En toen kwam er een vrindje,
een lief klein koeiekindje,
dat zei: Ik heb vanmorgen toch zo'n rare koe gezien,
twee staarten aan haar bastje,
aan ied're staart een kwastje,
zou een daarvan de staart zijn, die verloren is, misschien?

Toen riepen alle ossen tegelijk: Hoera! Hoera!
En - heeft de koe haar staart terug?
Nou, reken maar van ja!

Annie M.G.Schmidt. Uit: Ziezo. Querido, 2004.
Dit gedicht is geplaatst met toestemming vooraf van uitgeverij Querido.

vrijdag 10 december 2010

Ik kan

Ik kan eel veel.
Oor wat een oop:
Ik elp mam in et uis.
Ik ups rond als een muis.
Ik ijs een blok met mijn kraan.
Ik kan op mijn oofd staan.
Ik ak out voor et vuur.
Ik klim - up! - op de muur.
Kijk, ik oest met mijn and voor mijn mond.
Soms uil ik luid naar de maan als een ond.
Of ik ijg als een ert.
O ja, ik ol zo ard als Bert.
Ik ren als een aas!
En in uis ben ik de baas.
Ik spring zo oog als een kerk.
En ik doe geen alf werk.
Eus, ik kan eel veel.

Maar de h, die kan ik niet
Lydia Rood. Uit: Er staat een taart in lichterlaaie. Samenstelling Jan van Coillie, ill. Harmen van Straaten. Maretak/Davidsfonds/Infodok, 2004 (ook in: Mijn zak zit vol met niks. Zwijsen, 2001).

woensdag 8 december 2010

Liever fliegen

Ik flieg, schreef Jaap. Toen werd
de juffrouw kwaad. Ze riep iets
over een harde en een zachte
klank. Haar stem hamerde
op mijn bank. Jaap vloog al uit
het raam. Ik zag wolken in zijn
ogen. Hij stak zijn armen uit.
"Vlieg Japie," riep ik luid. Ik wil
ook wel Fliegen met een F, maar
 met mijn vlieg moet ik blijven in de les.
Margreet Schouwenaar. Uit: Voor het slapen wordt het langzaam nacht. Ill. Marloes van den Berg. Sjaloom, 2010.

maandag 6 december 2010

Ziek

Ik ben heel ziek.
Want ik heb griep.
En in mijn neus zit snot.

Mijn hoofd is zwaar.
Mijn buik doet raar.
Mijn stem is ook kapot.

Nu drink ik sap
en eet ik pap.
Iets anders mag ik niet.

Maar mama zegt:
het gaat weer weg.
En daarna bakt ze friet!
Johanna Kruit. Uit: Twee kusjes in een doosje. Illustr. Annemie Heymans. Maretak, 2002.

vrijdag 3 december 2010

De Dierderij

Wanneer hij aan het werk was op zijn kleine boerderij
dan zong boer Jansen aria's, van werken werd hij blij.
Zijn dieren waren liever lui, ze zaten op de grond,
ze neurieden een beetje mee en hingen heerlijk rond.

Zo ging dat jaren achtereen, maar op een maandag níet.
'Waar is de boer?'vroeg Kaatje Koe. 'Waarom zingt hij geen lied?'
Ze kamden alle kamers uit, de keuken, het toilet.
Ten slotte vonden ze boer Jansen grieperig in bed.
 
"O hemeltje,'zei Kaatje Koe, 'u lijkt behoorlijk ziek.
U ligt er reuzezielig bij, maar ik ben in paniek.
Ik moet gemolken en gevoerd, 't is al een uur of elf.'
Vanonder een laag dekens hoestte Jansen: 'Doe het zelf!'
Lida Dijkstra. Uit: De Dierderij. Illustraties Noëlle Smit. Pimento, 2010.
Een lieve versie van Animal Farm, met goedlopende rijmpjes en humoristische, krachtige tekeningen.

woensdag 1 december 2010

de deugende cirkel

A ai
Ik verspil weinig energie
alles doe ik op mijn gemak
bijna bewegen, hangen aan een tak
het luieren heb ik onder de knie
ondersteboven is mijn anarchie

aan reputaties heb ik lak
ik verspil weinig energie
mijn paradijs een bladerdak

meer zeg ik sowieso nie
er groeien soms algen in mijn pak
maar die vlekken schelen mij ongemak
geen roofvogel ziet zo wat is wie
ik verspil weinig energie
Saskia de Jong. Uit: de deugende cirkel. De Harmonie, 2010.
26 dierengedichten voor kinderen van Saskia de Jong.  Elk gedicht heeft een andere beginletter. De bundel opent met de g van godgans en loopt vervolgens van a tot z.  Elke letter symboliseert een dier, al is daar soms wat verwarring over: de 'ai' is een luiaard en de pop is in eerste instantie geen rups van een vlinder maar een mensenpop. Bij de x vinden we het uitheemse dier xirapha, bij de y de yak.
Saskia de Jong schreef eerder gedichten voor volwassenen. Nu dus voor kinderen, al vind ik het eigenlijk geen  kinderbundel. Dat komt niet alleen door de gedichten die een fiks taalniveau veronderstellen, maar ook door de collages naast de gedichten, samengestelde knipsels uit geïllustreerde tijdschriften. Desalniettemin: voor wie van eens een keer 'anders' houdt, is dit een eigengereide feestbundel.

dinsdag 30 november 2010

Winterslaap

Zo'n egeltje, dat in november slapen gaat
en dromend alles mist: de Sint als kreupelrijmer,
de kerstcommercie en het oudejaarsgemijmer,
de nieuwjaarsborrels en de nieuwjaarsleuterpraat,

fantastisch toch? En wat hem verder blijft bespaard:
sneeuw, ijs en hagelbuien, bibberen en rillen
en carnaval...Zoiets zou u toch ook wel willen?
Pas als de lente terugkomt in de loop van maart

ontwaakt hij fit en fris na bijna twintig weken.
En daarna gaat hij een verkeersweg oversteken.
Jan Boerstoel. Uit: Een beetje wees. Bert Bakker, 1990.

zaterdag 27 november 2010

Novemberactie open weblog: Zwijntje heeft geen zin

Zwijntje lag lusteloos onder een boom.Niks voor Zwijntje eigenlijk. Het liefst maakte hij plezier met zijn vrienden, dat vond hij nog leuker dan in de modder rollen. Het aller-, allerliefst was hij bij Eekhoorn als die een heerlijk stoofpotje had gekookt. Maar vandaag dus niet. Vandaag had Zwijntje nergens zin in en nergens trek in.
Wilma Degeling en Veronica Nahmias, Zwijntje heeft geen zin. Christofoor, 2010, prentenboek 4+.
Gelukkig heeft Zwijntje een heleboel vrienden. Allemaal hebben zij een ander idee om hem op te vrolijken: Egel vertelt een mop, Eekhoorn zorgt voor iets lekkers, Kikker probeert hem over te halen te gaan springen, de Konijntjes verzinnen een maf liedje en Mol adviseert hem om onder te duiken. Maar of dit alles helpt? En dan komt Vos nog langs om te vertellen dat Eekhoorn zich ook wat slapjes voelt...

Novemberactie open weblog: Het toverspiegeltje

Toen ging Ietje Fietje naar de grote zee.
Ze danste in het water en riep:
'Zee, zee, blauwe zee,
 neem op een golf mijn wens voor me mee!'
De golven rolden naar Ietje Fietje toe. Ze spoelden om haar blote voeten, ze likten aan haar blote tenen. Ze gaven haar kusjes: zeekusjes. En ze brachten cadeautjes voor haar mee: zeecadeautjes. Eerst kreeg Ietje een schelp. Een grote roze met een gaatje erin. De zee fluisterde:
'Ís dit je wens? Is dit genoeg?'
Ietje Fietje riep: 'Nee, het is niet genoeg! Ik wil meer!'''
Anne Takens. Uit: Het toverspiegeltje. Illustraties Mies van Hout. Maretak, 2005. Leeftijd 8+.
Thomas is tevreden met zijn boerderijtje en zijn dieren. Maar zijn vrouw Ietje Fietje wil meer! Ze krijgt wat ze wenst.
www.annetakens.nl

vrijdag 26 november 2010

Novemberactie: Twee meisjes en het geluk

Gebiologeerd kijkt Mei naar de stoel. Wat is ze nieuwsgierig nu er vlakbij zo’n echte dame is. Hoe zou ze er in werkelijkheid uitzien. Zou ze lijken op de prinses van de scroll? Er staat een klein briesje, dat af en toe de gordijnen laat opbollen. Er komt geen enkel geluid of teken van leven uit de stoel.
            Als Mei langer kijkt, ziet ze dat er een klein stukje vierkant gaas in het gordijn zit. Kijkt er misschien ook iemand naar haar? Ze voelt het gewoon. Dan weet ze het zeker. Achter het gordijn ziet ze de contouren van een gezicht en achter het gaas een paar ogen. Iemand die net zo nieuwsgierig is als zij zelf, neemt haar van top tot teen op.  Mei schrikt zich een hoedje. Het gordijn wordt een stukje opengeschoven en er komt een hand tevoorschijn. Een hand die haar wenkt. Mei kijkt om zich heen, de dragers letten niet op. Het volgende moment stapt ze de draagstoel binnen.
 

Inez van Loon. Uit: Twee meisjes en het geluk. Clavis, 2010.
Een verhaal over de Chinese Lin die in het Chinatown van in Amsterdam woont en over haar overgrootmoeder Mei die opgroeit op het platteland van het China van 1900....
http://www.inezvanloon.com/nl_girls.php

donderdag 25 november 2010

Novemberactie open weblog: Blessuretijd

‘Op een dag zien we elkaar weer, jij en ik,’ zegt pake. ‘En dan voetballen we op het mooiste voetbalveld dat je ooit gezien hebt... En zie me dan maar eens te passeren.’ Matteo slikt. ‘Pake...’‘Ssst. Ga as de wjerljocht naar Skoatterwâld. En train tot je erbij neervalt. Je laat je team niet in de steek. Is dat begrepen?’
‘Oké.’
'Voetbal is niet belangrijk. Niet echt. Dat weet jij. Dat weet ik. Maar ik zou heel graag nog één keer mee willen maken...’ Pakes stem stokt. Hij knijpt zijn ogen dicht. De lijnen in zijn gezicht worden dieper. Maar als hij zijn ogen opent, glimlacht hij. ‘... dat we die Groningers te grazen nemen. Kun je dat voor me regelen?'
Corien Oranje. Uit: Blessuretijd, serie Superfriezen. Columbus, 2009. Illustraties Wendelien van de Erve. 
Matteo’s pake, oud sc Heerenveenvoetballer, ligt in het ziekenhuis. Matteo wil heel graag dat zijn opa nog één wedstrijd kan meemaken. Maar kan dat, nu pake zo ziek is? 
Met voetbaltips en trucs en een interview met Heerenveenspeler Mika Väyrynen.   
Leeftijd: 8+

woensdag 24 november 2010

Novemberactie open weblog: Ik besta!

Moon grijpt haar rugzak van de vloer en rent zonder op of om te kijken het kantoortje uit. Onderweg botst ze tegen ruggen, buiken en klapdeuren. Haar tranen maken van alles en iedereen een brij van vage, trage vlekken. Met een klap smijt ze de wc-deur achter zich dicht. Ze draait het slot om en ploft neer op de bril. Haar lijf schokt en rilt, ze hapt met horten en stoten naar adem. Er komt een schreeuw omhoog door haar keel, maar er komt geen geluid mee.
Berdie Bartels. Uit: Ik besta! Clavis, 2010. Leeftijd: 14+
Stan zit in voorarrest. Ze vinden hem gestoord. Moons vader schrijft een boek over hem. Een vaag verhaal, vindt Moon. En een vage figuur ook, die Stan. Volgens Moon spoort hij niet. Ze weet zeker dat hij iets heel bloederigs heeft gedaan. Ze sluiten je toch niet zomaar op in de gevangenis?
Ik besta! vertelt aan de hand van verhalen, brieven, mails, gedichten, krantenberichten, dialogen en monologen hoe twee zogenaamd lastige jongeren ieder op hun eigen manier vechten om te mogen bestaan.http://www.berdie.nl/

dinsdag 23 november 2010

Novemberactie open weblog: Droziers Erfenis

Schrijver Milan Hofmans wil zijn boek aanprijzen met onderstaande column: 
Column: Remco Volkers – Uit de kast 
Dit artikel verscheen op Tzum literaire weblog, 20 oktober 2010
Over kinderen en lezen is veel te doen. Met opvoeden kun je niet vroeg genoeg beginnen, en lezen is een wezenlijk onderdeel van die opvoeding. Weet elke ouder dat? Wie vroeg voorgelezen wordt en  vroeg gaat lezen, blijft een lezer. Want  lezen is leuk, prikkelt de fantasie, maakt je emotioneel rijker, geeft je inzichten, verbreedt je blik op de wereld en zo voort. Ik ben daar een mooi voorbeeld van.  Nu verbaast het mij dat er in de reguliere media zo weinig aandacht is voor kinder- en jeugdboeken. Er is überhaupt weinig ruimte voor boeken, maar de Olympische damesploeg langeafstandstwirlen zal daar net zo over denken: waar je zelf mee bezig bent vind je immers vaak het allerbelangrijkste van de hele wereld. Maar hoe komt de consument aan informatie? Die twee recensies die een dagblad in de week plaatst geeft natuurlijk geen representatief beeld van het aanbod. En de verdeling niet alleen in genre maar ook in leeftijd maakt het er niet makkelijker op. Er wordt ons opgedrongen welke dingen bij welke leeftijd horen, zodat ik mij nu genoodzaakt voel om uit de kast te komen: Ik ben Remco en ik lees ook kinderboeken.  Pfffff. Dat viel mee. Lang heb ik mij kunnen verschuilen achter neefjes en nichtjes. Voorlezen? Natuurlijk! Een verhaaltje voor het slapengaan werd al snel een heel boek. Helaas kunnen de kinderen nu zelf lezen, maar sinds ik uit de kast ben (een regel of drie, vier geleden) kan ik eindelijk openlijk kinderboeken lezen. Nog wat wankel op de barricade raad ik de volwassen lezers van dit stukje graag een boek aan dat net verschenen is (voor 12+, geen bovengrens):  Droziers erfenis van Milan Hofmans. Hofmans is een bijzonder bevlogen schrijver en illustrator, die met dit tweede boek de verwachtingen na zijn eersteling meer dan waar maakt. Hij creëert een heel eigen universum, zijn boeken zitten vol geinige vondsten en humor. Hij schrijft filmisch en spannend,  met oog voor detail. Met Droziers erfenis heeft Hofmans ons een Da Vinci Code van eigen bodem geschonken. Vergeet die leeftijdsgrens.[…] Samenvattend wil ik pleiten voor 1) meer ruimte in de media voor boeken in het algemeen, 2) het afwerpen van de leeftijdsgrens, en 3) aandacht voor zogenaamde kinderboeken in reguliere radioprogramma’s en talkshows. We are out and we are proud!
Milan Hofmans. Droziers Erfenis. Clavis, 2010. 12+ 

maandag 22 november 2010

Novemberactie open weblog: Levi, Lola en de liefde

Lola haalde haar schouders op. ‘Kan mij het schelen. Ik denk echt niet dat jij veertien bent. Kom nou.’ Levi trok haar naar zich toe. Hij wilde haar zoenen om een einde te maken aan het gesprek. Veertien. Het leek wel een ziekte. Ja, het zou overgaan. Hij zou vijftien worden. En zestien. Maar altijd bleef hij jonger.
Wilma Geldof. Uit: Levi, Lola en de liefde. Holland, 2010. Leeftijd 12+. Deel 7 uit de serie Life.  Levi krijgt na een succesvol optreden in de schoolband, opeens aandacht van de zestienjarige Lola, het mooiste meisje van de school. Hij valt als een blok voor haar, vergeet dat hij al een vriendinnetje heeft, en probeert krampachtig te verbergen dat hij nog maar 14 is. Alsof Levi niet genoeg problemen heeft, zoekt zijn biologische vader na tien jaar contact met hem.

vrijdag 19 november 2010

Novemberactie open weblog: Het geheim van Stille Zalm

De acht ogen van Steenhemd en zijn dochters staarden in de duisternis, maar leken Wuivende Grassen niet te zien, die nu zélf als een slang naar binnen begon te kruipen, op zijn buik, doodstil, de hamer in zijn hand geklemd.Wuivende Grassen sloop tergend langzaam vooruit, recht op het grootste starende ogenpaar af, steeds verder...
‘Au!’
Hij stootte zijn hoofd tegen een grote maalsteen op de vloer en sprong ogenblikkelijk recht overeind. Daar ging zijn verrassingsaanval, alles leek verloren.
Jan Kuipers. Uit: Het geheim van Stille Zalm. Illustr.  Roelof van der Schans. Maretak, 2010. Leeftijd 10+.
De opa van Neveloog is ziek en zal niet lang meer leven. Stukje bij beetje vertelt hij haar een oud verhaal over een vreemde ontmoeting in de bergen, lang geleden… Een verhaal over zijn geheimzinnige bruid Stille Zalm en een dodelijke beer. Over moed en angst en de wreedheid van de jacht. 'Het geheim van Stille Zalm' speelt zich af in Noord-Amerika, vóór het jaar 1800.
http://www.janjbkuipers.nl/
http://www.maretak.nl/

donderdag 18 november 2010

Novemberactie open weblog: Glits

In de kamer klonk geluid. Hoge tonen liepen over in lage. Het had een sitar kunnen zijn, een Indiaas instrument dat iets weg had van een gitaar, maar Jay dacht eigenlijk dat het elektronisch gemaakt was. De tonen waren te zuiver. Het leek alsof iemand twee standen op de synthesizer gemengd had, Jazz39 en Klarinet12 of misschien een van de Cymbals.
'En kun je dat vertalen?'
Jay fronste. 'Hoe bedoelt u?'
'Wat heb je gehoord?'
Jay twijfelde. Het was ook wel erg veel gevraagd. Hoeveel geluiden had een synthesizer wel niet. Maas zat hem ondertussen vol verwachting aan te kijken. Alsof hij wilde dat Jay een antwoord gaf. Wat kon Jay doen? Wat had hij te verliezen?
'Oké.'
'Oké wat?' Maas keek hem doordringend aan.
'Ik wil het wel zeggen.'
'Jij herkent dus dit fragment?' Er sloop iets hards in de stem van Maas.
'Nou ja, het is niet makkelijk. Maar ik denk Jazz39 en Cymbals19. Al zou het ook...' Jay stopte, want Maas was opgestaan. 'Dan zijn we klaar, Jay. Dit is tijdverspilling.' Met strakke passen liep hij naar de deur. 'Iemand zal je thuisbrengen.
Robert Wolfe. Uit: Glits, Uitgeverij De Harmonie, 2010. Leeftijd: 13+
Meer info: Robert Wolfe

woensdag 17 november 2010

Novemberactie open weblog: De brugklassurvival

‘Verviers,’ leest Laura op het bord langs de snelweg.
‘Je zegt vervjéé,’ zegt Wobbe. Hij zit achter haar. Zijn donkere, altijd iets te lange haar, zit in de war. Laura zucht. Broers…
‘Oké, vervjéé dan,’ zegt ze en ze steekt haar tong uit.
Wobbe haalt zijn schouders op. ‘Ik help je alleen maar. Stel je voor dat iemand je vraagt waar je bent geweest en dat jij dan aankomt met je vervieiers, sta je mooi voor gek.’
‘Ja, wat een ramp zou dat zijn,’ zegt Janne, die naast Laura zit met een sarcastisch lachje. Laura kijkt haar aan. Voor de zoveelste keer bedenkt ze dat ze net als Janne zou willen zijn. Janne, die met haar blonde, steile haar en lange benen het tegenovergestelde van haar is. Ze voelt even aan haar eigen donkere krullen en zucht.
Nelleke Scherpbier. Uit: De brugklassurvival. Columbus, 2010. Leeftijd: 11+.
Laura gaat met de hele brugklas op survival in de Ardennen. Als ze ergens géén zin in heeft, dan is het wel het brugklaskamp. Niet alleen moeten ze drie dagen kamperen op primitief terrein, maar haar beide broers gaan ook nog eens mee! Als de groepen voor de survival worden ingedeeld, zitten Laura's broers tot overmaat van ramp bij haar in de groep. Ook Rudi zit in haar groep. Het duurt niet lang of Laura merkt dat ze hem wel leuk vindt. En het lijkt erop dat Rudi haar ook wel ziet zitten.
http://www.nellekescherpbier.nl/

maandag 15 november 2010

Novemberactie open weblog: Dat spel van jou en mij

Er staat een jongetje bij mijn fiets.
‘Daniël!’ zeg ik verschrikt.
‘Ik zag je fiets,’ zegt hij met een hoge stem. ‘Ik dacht, je bent daar en daar is moeras.’
Mijn kleren zitten recht. Alleen mijn jas hangt nog open. Mijn gezicht gloeit. Achter me komt Sjonnie de bosjes uit. Daniël ziet alles aan hem, in één oogopslag. Sjonnies gescheurde trui, zijn kapotte gezicht, zijn dikke lip. Hij draait zich om en rent weg, zo hard hij kan.
‘Ken je die?’ vraagt Sjonnie. ‘Het is maar een klein ventje. Waar woont-ie?’
Selma Noort. Dat spel van jou en mij. Leopold, 2009. 
Leeftijd 10+
De 12-jarige Marta wordt streng opgevoed volgens de regels van de kerk. Vooral Marta’s vader is star in zijn opvattingen. Maar de tijden veranderen en hij verliest langzaam zijn greep op Marta en haar broer. In het moeras achter het zwembad speelt Martha haar rare, geheime spel met Sjonnie, de agressieve achterbuurtjongen die niets van de kerk weet, en waar ze absoluut niet mee mag omgaan.  Telkens neemt ze zich voor om te stoppen met liegen en bedriegen; ze wordt misselijk van angst bij het idee met Sjonnie betrapt te worden door iemand van de kerk. Maar ze kan niet stoppen want ze vindt het niet eerlijk zoals de mensen van de kerk en haar vader zeggen dat ze hoort te zijn. Hoe kan ze doen waar ze zelf in gelooft zonder haar vader tot wanhoop te drijven? 

vrijdag 12 november 2010

Novemberactie open weblog: Sanne gaat Solo

'Stond je daar allang?'
Ik schrik. Ik had niet gemerkt dat hij opgehouden was.
'Ik eh..'
Hij lacht en zet de sax aan zijn mond. Dan begint hij te spelen terwijl hij me aankijkt. Doe mee, lijkt hij te willen zeggen.
Daar zeg ik natuurlijk geen nee tegen.
We gaan tegenover elkaar staan en Hakim begint met spelen. Hij speelt een riedeltje dat ik vaag herken van iets wat ik ooit bij Anoek speelde.
Met mijn ogen dicht concentreer ik me op wat hij speelt, welke kant het opgaat, en met een mooi tegenakkoord  begin ik ook te spelen. 
Iris Boter. Uit: Sanne gaat Solo. Mozaïek, 2008. Leeftijd: 12+.

Novemberactie open weblog: Overal water

Samen beklommen ze de betonnen traptreden van de dijk. Boven keerde Nout zijn gezicht naar de wind. Even hapte hij naar adem en toen draaide hij zich snel weer om. Opa Hidde had moeite om overeind te blijven. De flappen van zijn lange, zware regenjas klapperden. Nout pakte zijn opa stevig beet. Hij wilde iets zeggen, maar het had geen zin. De wind en de zee maakten een oorverdovende herrie.
Zwijgend lieten ze het donderende geraas over zich heen komen. Nooit eerder had Nout de golven zo wild gezien. Ze stoven hoog op tegen de dijk. Was dit de zee waarin opa Hidde hem ooit had leren zwemmen?
‘Het gaat fout!’ brulde opa vlak naast hem.
Ineke Mahieu. Uit: Overal water. Holkema & Warendorf, 2010. Leeftijd 10+
De twaalfjarige Nout woont in een klein huisje in een Zeeuws dorp achter een zeedijk. Als de ouders van Nout een paar dagen weg gaan, blijft hij samen met zijn grote broer thuis. Al snel komt Nout in moeilijkheden. Zijn broer, de raddraaier van het dorp, neem hem mee tijdens een smokkeltocht en Nout wordt beschuldigd van diefstal. Maar dan gebeurt er een vreselijke ramp waardoor Nouts problemen plotseling totaal niet meer belangrijk zijn.
'Overal water' gaat over een jongen die moet zien te overleven tijdens een van de grootste natuurrampen uit de Nederlandse geschiedenis: de watersnoodramp van 1953. 
www.inekemahieu.nl

donderdag 11 november 2010

Novemberactie open weblog: Help, mijn vader is een puber

‘Hoe zal ik het doen?’
Sara haalt haar schouders op. ‘Gewoon zoals altijd.’
'Dat heb ik altijd al.’
‘Het staat je toch goed.’
‘Dat vindt mama. Ik vind mezelf altijd een beetje op een schoolmeester lijken met zo’n zijscheiding. En dan lijkt mijn neus zo groot en nog schever.’
‘Die is groot en scheef. Of je haar nou rechtop staat of plat hangt.’
‘Ik wil eens wat anders. Een beetje …’ Zuchtend laat papa zich op het bed vallen. Hij zet zijn ellebogen op zijn knieën en laat zijn hoofd in zijn handen vallen. Zo blijft hij een tijdje zitten. Ineens kijkt hij Sara aan. ‘Ik weet helemaal niet meer wie ik ben.’
Fabien van Kempen. Uit: Help, mijn vader is een puber". Clavis, 2010. Leeftijd 11+.
'Help, mijn vader is een puber' is het tweede deel uit de Help-serie waarin meiden de hoofdrol spelen die uit een bijzonder gezin komen.Sara's vader heeft een midlifecrisis, gaat zich ineens heel hip kleden en poetst zijn jarenlang niet gebruikte motor weer op om met een vriend een weekendje te gaan motorrijden. Omdat hij klaagt over de saaiheid van mama en met Bert voortdurend over andere vrouwen praat, besluit Sara haar vader achterna te reizen zodat ze hem een beetje in de gaten kan houden.
http://www.fabienvankempen.nl/

dinsdag 9 november 2010

Schaap

Er was een deftig schaapje op de Ermelose Heide,
met donkerbruine wol, waarvan men dure truien breide
- ontzettend dure truien -, met een stal vol dure spullen
en met een dure smaak en met gepermanente krullen.

Zij stond zich op een dag in januari te beklagen:
'Mijn krulletjes verpieteren; het regent nu al dagen.
Zo kan ik mij toch nauwelijks vertonen op de hei.
Ik ga maar naar de kapper en dan neem ik coupe soleil.'

De kapper was een wolhandkrab met hele grote scharen.
Hij keek bedenkelijk en sprak: 'U hebt wel heel veel haren.
Als u een coupe soleil wilt in die dikke wollen vacht,
dan duurt dat op z'n minst toch wel een dag of zeven, acht.

Om van de kosten, juffrouw schaap, nog maar niet eens te spreken.'
Maar 't schaap zei vastbesloten: 'Ook al duurt het zeven weken,
ik wil een coupe soleil. Ik ben die regen meer dan zat.
Van kop tot staart, tot elke prijs.' Ziezo en dat was dat.

Dus kapper krab ging aan het werk. Hij waste en hij spoelde
en vroeg voortdurend of het water wel plezierig voelde
en of ze al vakantie had gehouden dit seizoen
en wat ze volgend jaar, als het vakantie was, ging doen.

Hij waste en hij spoelde en hij verfde en  hij knipte,
terwijl mejuffrouw schaap van haar esspressokoffie nipte.
Hij knipte en hij verfde meer dan zeven volle dagen.
Toen was ze klaar; een donker schaap met mooie, lichte vlagen.

Het schaap keek in de spiegel en zei keurend: 'Lang niet gek.
Ik dank u zeer, tot ziens.' En ze betaalde met een cheque.

En alle andere schapen riepen: 'Kijk, een coupe soleil.
Dat zien we voor het eerst hier op de Ermelose hei.'
Ze waren vol bewondering en fluisterden: 'Wat mooi.'
En daarna kwam de herder en die bracht ze naar hun kooi.

Het schaap ging nog wat wandelen, maar 's avonds tegen negenen
begon het als gewoonlijk weer ontzettend hard te regenen.
Dus toen ze bij haar stal kwam was ze aardig onderkoeld
én heel de coupe soleil was uit haar schapenvacht gespoeld!

Dat hij niet waterproof was had de kapper niet verteld.
Eerst was ze boos en toen alleen nog maar teleurgesteld.
'Ik heb me laten flessen,' zei ze. 'Zonde van de centen.
In februari laat ik mij gewoon weer permanenten.'
Bette Westera. Uit: Ik leer je liedjes van verlangen en aan je apestaartje hangen. Illustraties Sylvia Weve. Gottmer, 2010.

maandag 8 november 2010

Novemberactie open weblog: Weg van de angst

'Heksen!' krijste de vrouw weer. 'Help!' Soeten kwam naar voren en kwam naast Flore staan.
'Bang?' vroeg ze dreigend.
De vrouw knikte sprakeloos en keek om toen er nog een paar
mensen aankwamen. 'Heksen,' zei ze weer, schor deze keer.
'Als jullie eten en drinken voor ons hebben, gaan we zo snel
mogelijk weer weg.' Soeten keek de vrouw strak aan. 'En dan
maak ik je niet ziek,' voegde ze er achteloos aan toe. 'Of erger.'
'Gaat dat lukken?' vroeg Flore. Zij leek misschien nog wel het
meest op een heks, met haar vlammende haardos.
 

Rom Molemaker. Uit: Weg van de angst, Van Holkema & Warendorf, 2009. Leeftijd: 11+ 
We zijn in de Middeleeuwen, er  is oorlog en geweld, het land wordt geteisterd door bendes die strijden om de macht. Dan wordt het dorp Heem verwoest en de bevolking gedood of tot slaaf gemaakt.  Een groepje kinderen tussen 6 en 16 weet te ontkomen. Zonder te weten waarheen, beginnen ze aan een lange, onzekere tocht vol gevaren. Ze komen vrienden en vijanden tegen. Gaat het de kinderen lukken om een nieuw, vrij leven op te bouwen?
http://www.rommolemaker.nl/

vrijdag 5 november 2010

Novemberactie open weblog: Monstergedicht

MONSTER
Kam je haar naar voren
plat over je oren.
Schraap met je tong
je tanden tot messen.
Steek in je ogen
het vuur aan.
Word mijn liefste monster.
Hallo!
Ik ben Gil vander Heyden en ik schrijf dolgraag gedichten voor jonge mensen. Mijn laatst verschenen bundel heet 'Liefde zat je als gegoten' (uitgeverij Clavis). Hij ziet er zo uit:
Binnenkort hoop ik er een bundel bij te hebben. Het gedicht  hierboven, 'Monster' staat er in, en nog andere gedichten voor jongeren vanaf zo'n jaar of tien. Ik ben altijd blij als iemand me laat weten dat hij of zij een gedicht van me mooi vindt.
Meer over Gil vander Heydens poëzie: voor je het weet

woensdag 3 november 2010

Novemberactie open weblog: De flat van Fatima

‘Mam, geloof je in God?’ Karel hangt ondersteboven op de bank, met haar voeten op de leuning en haar hoofd net niet op de grond. 
‘Nu even niet, Kareltje,’ zegt mama. 
‘Maar waarom zijn wij eigenlijk niks?’ vraagt Karel. 
‘Hm,’ zegt mama. 
Karel luistert naar het getik van mama’s vingers op het toetsenbord.
Het is een soort pianospelen, alleen dan met letters. 
‘Bij Raja thuis woont een god met vier hoofden die korstjes en fruit eet.’ 
‘O ja?’ zegt mama, zonder van haar laptop op te kijken. 
‘Aan de muur hangt er een met een olifantenhoofd. En eentje die ligt te slapen op een slang.’
Karel voelt haar hoofd rood worden. Lijkt het maar zo, of zijn haar benen witter dan daarnet?
‘Misschien ontplof ik zo,’ zegt ze met een benauwd stemmetje.
‘Rotzak!’ roept mama.
‘Dan heb je tenminste alle tijd om ruzie te maken met papa. Wel eerst even dweilen natuurlijk, anders glij je uit over m’n hersens.’
Janneke Schotveld. Uit: De flat van Fatima. Unieboek, 2010. Leeftijd 8+
De Leeswelp:
Dit verhaal van Janneke Schotveld wordt verteld vanuit het perspectief van een Nederlands meisje, Karel, dat op hartverwarmende en humoristische wijze kennismaakt met een aantal bewoners uit de multiculturele flat waar ze met haar moeder naartoe is verhuisd, nadat haar vader ervandoor is gegaan met een andere vrouw. Schotveld is er in geslaagd een luchtig, heel grappig verhaal te schrijven dat toch over heel essentiële zaken gaat, namelijk: samenleven en elkaars tradities en opvattingen respecteren. 

zondag 31 oktober 2010

Als iedereen slaapt Allerheiligen en Allerzielen

Mijn vader is doodgegaan
Mijn moeder huilt
en gebruikt mijn jurk als zakdoek
Ze belt haar zussen
De een bestelt een kist
De ander bakt een taart
en de dikste graaft een graf onder de appelboom

De zon gaat onder
en komt weer op
De tuin bloeit
en de kip broedt op haar eieren
Mijn ene tante trekt mij een zwarte jurk aan
Mijn andere tante doet me een zwarte strik om
en mijn dikste tante geeft mij een briefje
dat ik voorlezen moet

Iedereen is er
behalve mijn vader
Zijn broers tillen de kist in de kuil
Mijn moeder huilt
en gebruikt mijn jurk als zakdoek
Mijn tantes huilen
en gebruiken elkaars jurk als zakdoek
Mijn ooms gebruiken grote woorden
En dan kom ik
en lees het briefje voor
   Lieve papa
  Niemand was zo lief als jij!
  Je lieve dochter
Iedereen huilt en snikt
Behalve ik
Het zijn mijn woorden niet

En als iedereen slaapt
en alleen ik ben nog wakker
Ga ik onder de appelboom zitten
en lees voor jou, wat jij mij altijd voorlas
Over krekels en hazen
Over monsters en griezels
en dat het allemaal weer goed kwam.
Tanneke Wigersma. Uit: Wie heeft hier met verf lopen smijten. Querido, 2010
Vandaag, morgen en overmorgen herdenken we de doden. Dat heet Allerheiligen en Allerzielen. Elders in de wereld verzorgen mensen graven, zetten lichtjes en bloemen  neer en zingen liedjes voor hun doden. In Nederland  - en België? - steken mensen een kaars aan voor hun geliefden en noemen hun naam hardop. 
Op Allerheiligen, 1 november, herdenkt de rooms-katholieke kerk zijn heiligen. Allerzielen op 2 november is voor de andere gestorvenen. Ook protestantse kerken herdenken de doden. Allerheiligenavond of Halloween, de avond van 31 oktober, was vroeger voorbereidingsavond. Nu is het een verkleedfeest.
In de Iers-Keltische traditie begon het jaar op 1 november, dus 31 oktober was  oudejaarsavond. De oogst was binnen, er was tijd voor een vrije dag, het Keltische nieuwjaar of Samhain.  De Kelten geloofden dat op die dag de geesten van alle gestorvenen van het afgelopen jaar terug kwamen om te proberen een levend lichaam in bezit te nemen voor het komende jaar.  Om de boze geesten  te weren droegen de Kelten maskers. Later vermengden de Keltische tradities zich met Romeinse en christelijke. 

woensdag 27 oktober 2010

Weblog open voor kinderboekenschrijvers

Veel leuke, goede, mooie kinderboeken worden (bijna) nooit gerecenseerd.
Zonde.
Daarom stel ik in november mijn weblog beschikbaar voor kinderboekenschrijver die één van hun gepubliceerde boeken onder de aandacht van kinderen, ouders en leerkrachten willen brengen.
Stuur  
1. een stukje uit het boek van maximaal 10 zinnen.
2. het soort boek, voor wie en welke leeftijd 
3. naam van de schrijver, titel van het boek, uitgever, jaar van verschijning 
4.een link/url naar een plaatje van/uit het boek  
naar mij op. Dat kan naar stuurnaardiet at gmail.com. Proza en poëzie mag allebei.
Kom op schrijvers. Recenseer elkaar en/of jezelf.


maandag 25 oktober 2010

Het Paradijs

In het begin waren we nooit alleen. We 
stonden met onze blote voeten midden
in de overvloed, en als we gingen liggen,
dan was het alsof we in het leven verdronken.
Dan zochten de vrouw en ik elkaars hand en 
trokken we elkaar als het ware op het droge.
'Gaat het?'zei zij dan tegen mij, of ik tegen
haar.
En dan ging het weer.
In het begin voelden we ons nooit alleen.
Bart Moeyaert. Het Paradijs. Tekeningen Wolf Erlbruch. Querido, 2010.
Het wat omineuze begin luidt het langzaam bergafwaarts gaan in van de eerste man en de eerste vrouw in hun nieuwe omgeving. Breekbare diertjes gaan kapot, poelen veranderen in veldjes van zout en de vrouw mist nogal wat, ook al werkt de man zich in het zweet om uitdijende hazelaars, woekerende braamstruiken en manshoge berenklauw in te tomen. En de zon brandt maar, brandt maar.
In prachtige taal, huppelende zinnen en zintuigenstrelende beelden schetst Bart Moeyaert de teloorgang van een droom, al wordt het nergens een echt verhaal. Op de bijgeleverde cd leest Moeyaert betoverend mooi voor. Van de bijbehorende muziek van het Nederlands Blazers Ensemble moet je houden. 
Jammer dat de tekeningen van Wolf Erlbruch zo lelijk zijn. Waar hij in het leukste kinderboek aller tijden, 'Over een kleine mol die wil weten wie er  op zijn kop gepoept heeft', nog sterke, grappige en kleurrijke beelden tovert, scheept hij ons nu af met modderige, onplezierige schetsen van een bozige man en vrouw. Hoezo is dit een kinderboek?

vrijdag 22 oktober 2010

KNIEvelletje VERMIST

Onder de dikke druppel bloed
op mijn knie mist een velletje.
Vanmiddag heb ik het verloren
op het stoepje om de hoek.
Zodra de zon weer opkomt,
begin ik daar met zoeken.
Hopelijk heeft de wind
het laten liggen en zag
een muisje het niet aan
voor een heel dun plakje worst.
Jaap Robben. Uit: De nacht krekelt. De Geus, 2009.

woensdag 20 oktober 2010

Verzoek

'Wees niet boos!'
De een schreeuwt het, fluistert het,
snikt het, sms't het,
krast het in tafels,
schrijft het op muren en op spiegels
en met zijn tenen in het zand

en de ander schreeuwt terug, fluistert terug,
snikt terug, sms't terug,
krast in tafels terug,
schrijft op muren en op spiegels
en met zijn tenen in het zand terug:

'Ik ben niet boos! Ik ben nooit boos!'
Toon Tellegen. Uit: Wie heeft hier met verf lopen smijten? Querido, 2010.
Dit gedicht is geplaatst met toestemming vooraf van uitgeverij Querido.

maandag 18 oktober 2010

Bushaltes

Bushaltes, zei mijn vader, bushaltes
die al wekenlang buiten gebruik zijn.
Nou, zei mijn oom, maar wat denk je
van kikkers die soms zomaar kwaken?
En van hotelreceptionistes die zich
elke morgen bij zonsopgang scheren?
Ja, zei mijn vader, ja dat is waar!
En van duiven, ging mijn oom verder,
duiven die hoesten onder het vliegen?
Ja, zei mijn vader nogmaals, ja ja!
Gerard B. Berends. Uit: Al mijn later is  met jou. Querido, 2004.

Het gaat regenen: Herbsttag

Herbsttag
Herr: es ist Zeit. Der Sommer war sehr gross.
Leg deinen Schatten af die Sonnenuhren,
und auf den Fluren lass die Winde los.

Befiehl den letzten Früchten voll zu sein;
gib ihnen noch zwei südlichere Tage,
dränge sie zur Vollendung hin und jage
die letzte Süsse in den schweren Wein.

Wer jetzt kein Haus hat, baut sich keines mehr.
Wer jetzt allein, ist, wird es lange bleiben,
wird wachen, lesen, lange Briefe schreiben
und wird in den Alleeen hin und her
unruhig wandern, wenn die Blätter treiben.
Voor één keer, omdat het gaat regenen en waaien, mijn met dit weer favoriete grotemensengedicht.
Rainer Maria Rilke. Uit: Ausgewählte Gedichte. Insel-Bucherei Nr. 400.

donderdag 14 oktober 2010

Recensie Frank 'Als je terugkomt'

Frank (9) heeft een recensie geschreven van het boek 'Als je terugkomt' van Rebecca Stead, kinderboek van het jaar in de VS.
Het boek gaat over een meisje Miranda en haar beste vriend Sal. Op een dag krijgt Sal een dreun van een jongen op straat. Die jongen heet Marcus. Hij sloeg Sal om een grote jongen te worden. Vanaf die dag wil Sal niet meer met Miranda spelen. Marcus vertelt Miranda dat reizen in de tijd mogelijk is. Miranda weet niet zeker of ze dat gelooft.
Miranda krijgt allemaal geheimzinnige briefjes en ze weet niet van wie. Op de briefjes staan teksten over iemand die het leven van Sal wil redden. Miranda komt er langzamerhand agter dat de briefjes van de lachende man komen. Die lachende man, die eigenlijk een zwerver is, staat altijd op de hoek van de straat. Op een dag wordt Sal bijna overreden door een vrachtauto. De lachende man springt snel de straat op, schopt Sal naar de andere kant en Sal moet naar het ziekenhuis. De lachende man is dood.
Als Sal uit het ziekenhuis komt, vertelt hij Miranda dat hij het eerder had moeten zeggen maar dat hij niet altijd alleen maar met Miranda wil spelen maar ook met andere vrienden. Daarna worden ze weer vrienden.
Kan het boek echt gebeurd zijn?
Aan de ene kant wel en aan de andere kant niet want het is fantasie en werkelijkheid. Reizen door de tijd kan niet.
Zou je het boek aanraden aan anderen om te lezen?
Ja, ik vind het een leuk en geweldig boek. Waarom? Nou, dat vind ik gewoon. Het is spannend, de grappen zijn grappig, het is avontuurlijk en fantasierijk.
Frank (9 jaar)
Als je terugkomt van Rebecca Stead. Querido, 2010.