maandag 28 december 2015

Kalfje, veulentje

Kalfje, veulentje,
net geboren.

Slijm in hun bekje
en ogen en oren.

De dierenarts wrijft
ze droog. Met stro.

Hun moeders likken
en likken. En zo,

zo staan ze op.
Het lukt maar net.

Eventjes lijken ze
een bouwpakket:

kalfje, veulentje,
van stokjes gemaakt.

Totdat hun neus
hun moeder raakt,

totdat ze zuigen.
Melk. Zoet.
...
Edward van de Vendel. Uit: Kalfje, veulentje. Tekeningen Marleen Felius. De Eenhoorn, 2015.
Iedereen die de naam Marleen Felius heeft horen vallen, kent haar fenomenale, intieme portretten van koeien, waarmee ze meerdere prijzen won en wereldwijd erkenning oogstte.
In dit boek portretteert ze het begin van koe en paard: de ontroerende wording van verward  hoopje botten en vel tot glanzend, dansend dier. Haar markante tekeningen en de uitgebeende teksten van Edward van de Vendel passen zo goed bij elkaar dat je je afvraagt waarom dit boek nu pas gemaakt is.
Een geweldige aanrader voor iedereen die van koeien houdt, of van paarden of van dieren in het algemeen. Of van krachtige portrettekeningen of simpelweg van mooigemaakte boeken.




woensdag 9 december 2015

Zoenen met een selfie

Stilleven
Vaas met snor

Ik ben stil leven in een stilleven.
Je ziet mij zonder mij te zien.
Ik ben zichtbaar onzichtbaar.
Vind je me niet?
Ik sta ergens tussen schaal, tafel en vis.

Ik ben de vaas met een snor,
de vaas met een pels,
de ogen in vacht,
de zwarte poes van steen.

Net als de schaal, de tafel
en de vis ben ik wel stil
leven, maar ben ik niet dood.
Ik ben een lenige, onbeweeglijke beweger.
Zie je de vissen?
Heb je ze geteld?
Hou ze in het oog.

Zoals een gong naklinkt als je er op slaat, leven wij dingen in een stilleven nog lang na wanneer we zijn geschilderd.
Ruik je niet in  de vis nog de zee?
Voel je niet in de schaal nog het vuur van de oven?
Hoor je niet in het hout van de tafel nog het hakken van de boom?
Merk je niet in mij de honger naar de vis?

De vette vis
de lekkere vis
de platte vis
de roze zalm en de kabeljauw.
...
Frank Adam. Uit: Zoenen met een selfie. Illustraties Bert Dombrecht. De Eenhoorn, 2015. Negen kunstwerken uit het Groeningemuseum en het Sint-Janshospitaal in Brugge, omlijst  met dichterlijke teksten en stripachtige tekeningen. Teksten en tekening brengen de oude schilderijen naar het nu, zodat je ze bijna kunt voelen en  beter naar ze gaat kijken, Achterin het boek staat een toelichting op de kunstwerken. 

maandag 30 november 2015

De zee zien

Ik stond beneden en keek hoe Jan zingend tegen de schoorsteenpijp
omhoogklom. Op het hoogste punt zwaaide hij,
triomfantelijk. Hij riep nog iets, ik kon niet goed verstaan
wat, - 'Ik heb de zee gezien!', zou hij dat hebben geroepen?
- en toen is hij gevallen en ben ik naar huis gerend: er is
niets gebeurd, er is niets gebeurd.
Koos Meinderts. Uit: De zee zien. De Fontein, 2015. 
Een rauwe jongensvriendschap, een eerste liefde, een nooit geopenbaard geheim: een spannend boek schrijven in de mooist denkbare taal kun je rustig aan Koos Meinderts overlaten. Elke zin doet ertoe, elk woord is afgewogen, het is te merken dat hier een dichter aan het woord is.
Het boek, dat gebaseerd is op een waargebeurd verhaal, wordt gepromoot als jongerenroman. Maar wat mij betreft zou het evengoed ook voor volwassenen kunnen zijn.

maandag 23 november 2015

Het lied van de blauwe pinguïn

Ver weg in het zuiden
werd een blauwe pinguïn geboren.

Een blauwe pinguïn
zie je niet elke dag.

'Ben jij wel een echte pinguïn?'
vroegen de andere pinguïns.
'Ik voel me een pinguïn,' zei Blauwe Pinguïn.

Blauwe Pinguïn
deed alles wat de
andere pinguïns
ook deden.

Hij kon niet heel
erg goed duiken
of springen

maar hij ving altijd een grote vis.
'Ik zei toch dat ik een pinguïn ben,'
zei Blauwe Pinguïn.

'Maar je bent niet zoals wij,
zeiden de andere pinguïns
en ze liepen weg.
Peter Horácek. Uit: Het lied van de blauwe pinguïn. Lemniscaat, 2015.
Uiterst actueel boek over uitsluiting en vriendschap. Ongelooflijke, prachtige tekeningen. Leeftijd: 3+

maandag 16 november 2015

Het grote slaapjesboek

Welterusten, slaap maar zacht.
Over de dieren valt de nacht.

Onder het donsbed een berengeeuw.
Lamp uit, licht uit, ook bij de leeuw.

Dolfijn en tonijn soezen samen in zee.
Kip en haan dutten met elkaar mee.

Moeder kust de kleine geitjes.
Hondje droomt van bloemenweitjes.

Welterusten, slaap maar zacht,
luieriken van de nacht.
Giovanna Zoboli & Simona Mulazzani. Uit: Het grote slaapjesboek. De Eenhoorn, 2015.
Vos en uil, beertje en krokodil, vlooien en mandril, muggen en teckelbaby's, dromedarissen en zeehondjes: het gaat maar door.
In een lange, dromerige stoet komt het halve dierenrijk voorbij. En allemaal slapen ze díep. 

Mooi uitgevoerd prentenboek. De taal is nogal zoet, de tekeningen zijn strak, kleurig en sfeervol.
Van een ding ben je zeker: van dit boek krijg je verschrikkelijke slaap. Perfect voorleesboek voor het slapen gaan  dus.
En dan elke avond herhalen.

Leeftijd: 1+.

zondag 8 november 2015

Het schrijvertje en andere versjes

Ik weet het wel, het izz bekend, van bloemetjezz en Bijtjezz
en dat zzoietzz ook voorkomt bij de kerelzz en de meidjezz
en dat alzz zzij dan zzamenzzijn, gezzellig met zzijn beidjezz,
het zzaadje van de een zzoekt naar de andere haar eitjezz.
En alzz dat lukt bij vrouw en man,
dan komt daar duzz een kindje van.
Zzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzz
Maar wat alzz je een bloem bent en je houdt niet zzo van bijen…
Ted van Lieshout. Uit: Het schrijvertje en andere versjes. Tekeningen Sieb Posthuma. Leopold, 2015. 
Samen maakten ze drie prachtige geïllustreerde dichtbundels: Van Ansjovis tot Zwijntje, Koekjes en Spin op sokken. Ted van Lieshout en Sieb Posthuma.  
In deze luxe verzamelbundel kunnen we ze nog een keer samen bewonderen.
Aan het eind één nieuw gedicht: Het tekenaartje: 

Onder de insecten
ontdekte men
een bijzonder
exemplaartje:
het tekenaartje.
...
Een tekenaartje
vangen mislukte:
toen de boom kaal was en het werk gedaan
is het met de vogels mee gegaan.
Mooier kun je een kunstenaar niet gedenken. 

maandag 2 november 2015

Nooit meer. Allerzielen

als je dood bent
ben je stil
dan is er niks meer wat je wil
dan kun je nooit meer wakker zijn
je hoeft geen pleisters meer
geen prikken en geen pillen
nooit meer tranen
nooit meer pijn
je hoeft niks meer te willen
misschien is dood wel fijn.
Hans & Monique Hagen. Uit: Van mij en van jou. Tekeningen Jan Jutte. Cd gezongen door Beatrice van der Poel, muziek Floor Minnaert. Rubinstein, 2015.
Het is vandaag Allerzielen, de dag waarop we de doden herdenken. Dat kan op veel manieren, sommige mensen leggen bloemen op een graf, anderen branden een kaars, zingen een liedje of lezen een gedicht. 

In dit boek ogenschijnlijk simpele vragen en alledaagse observaties over het leven met een hoofdletter L, in klare taal, scherp en zacht tegelijk vanuit de huid van een kind: daar munten de Hagens in uit.  Hetzelfde kun je zeggen van de tekeningen: helder, trefzeker, een tikje dwars en nooit saai. Prachtige heruitgave van dit boek, dat voor het eerst in 2007 bij Querido verscheen.
Leeftijd: 4+.

maandag 26 oktober 2015

Pa en Julia

Mijn pa heeft grote, uitpuilende ogen,
sterke poten en een hele brede bek.

Hij kan prachtig zingen.
BRRAAAAHHHP
Het galmt over de hele vijver

En ik hou van hem.

Zodra ik kon wiebelen,
zwom ik overal met Pa naartoe.
Kijk, Pa! Je zwemt geweldig, Julia!

Die avond stopte Pa
me lekker in mij bedje
maar...
PLONS!
ik kroop bij hem in bed.

'Waarom lig je in mijn bed?' vroeg Pa.
'Zodat je me niet hoeft te missen,' zei ik.
Ik sliep heerlijk en droomde
dat ik net zo snel kon zwemmen als Pa.
En toen
kreeg ik poten.
VERRASSING Pa!
David Ezra Stein. Uit: Pa en Julia. Illustraties idem. Vertaling Jesse Goossen. Lemniscaat, 2015.
Grappig prentenboek over een kikkervisje dat elke avond bij haar vader in bed wil slapen. Herkenbare kost voor veel ouders én kinderen. De tekenstijl is geweldig, stevig en een tikje rauw, vertellend en humoristisch. Er is een prettige wisselwerking tussen de rechttoe rechtaan teksten, die veel met  herhaling werken, en de tekeningen.

Leeftijd 2+.

maandag 19 oktober 2015

Vrolijke vogels

Albertina Albatros
vliegt naar Antactica,
en Ans uit Amsterdam
vliegt Albertina achterna.

Dit zijn Bob en Billy bijeneter.
'Hap slik weg!' doen Bob en Billy blij.
Zouden beide bijen in hun bekjes
even blij en vrolijk zijn als zij?

Ca kraanvogel danst de cancan
met Carlos, haar kraanvogelman,
die ook nog de chachacha kan.
En Carolina kaketoe? Zij kijkt met haar familie toe.

Dwarrelende duivenveertjes,
wit als sneeuw en zacht als dons.
Douwe eend kan ook goed vliegen.
'Duiven, duiven, wacht op ons!'
Bette Westera. Uit: Vrolijke vogels. Illustraties Emmanuelle Walker. Uitgeverij Karmijn, 2015.
Wat een lekker boek! is de eerste gedachte bij het ter hand nemen van dit zeer luxe prentenboek. De vrolijk fluorescerende rand en letters, de boekrug in linnen, de kleurrijke troep vogels op het omslag, het formaat, de harde kaft, alles nodigt uit om het boek open te slaan.
Ook de allereerste blik op de binnenkant is prettig: opspattende eieren dansen als bovenmaatse regendruppels over de pagina's. Op de twee laatste pagina's hetzelfde ontwerp met dezelfde eieren waar allerlei vogelsoorten uit kruipen. Mooi gedaan. 

De tekst is een ABC op rijm over de wederwaardigheden van de afgebeelde vogels in het boek. Grote, grafisch uitgewerkte prenten in felle kleuren, een feest voor de ogen. De gedichtachtige versjes zijn gemaakt door Bette Westera, dus met het niveau is niks mis; metrum, rijm, vindingrijkheid in taal en fantasie.
Maar ik vraag me af of zo'n mooi boek de ietwat harkerige versjes over Fedde vink en Flip flamingo, Eimert zilverreiger en Erna arend nodig heeft. Die namen. Dat alfabet!  Ze lezen fijn voor, dat dan weer wel.  

dinsdag 6 oktober 2015

Wondermiddel

picknick
onder de walnootboom gelegen
de hele middag onze buiken volgegeten
hoofden leeggedacht

over de ruimte om ons heen
die uitdijt steeds verder uitdijt
met ons vergeleken

zodat we krompen in het gras

we vonden dat het goed was
dat er zoveel lege doppen lagen
in één had onze wereld nooit gepast.
Kate Schlingemann. Uit: Wondermiddel en andere gedichten. Tekeningen Nynke Kuipers. Xanten, 2015.
Een dichtbundel van een debuterend dichter is altijd weer een spannende gebeurtenis. In deze bundel van Kate Schlingemann dansen borende levensvragen , heldere observaties en kleurrijke taal dwars door elkaar.
In vijf hoofdstukjes met titels als 'hoe lang duur ik ongeveer' en 'met laarzen aan niet denken' paraderen wind en wolken, vliegen en vogels, opa's, poezen en koeien langs in een bonte optocht vol vragen en constateringen. Een fijn boek.
Leeftijd: 8-100

woensdag 30 september 2015

Boer Boris en de maaier

'Boer Boris, Boer Boris, de maaier is kapot!
Dit is wat er van over is. Dit is het overschot.'
'Wat is er dan gebeurd, Berend? Wat is er misgegaan?'
'Ik weet het niet, maar zeker is: ík heb niks fout gedaan.'

'Ik was het gras aan 't maaien voor de koeien en de schapen.
Toen klink ineens een knal en moest ik honderd stukken rapen!'

Boris zegt: 'Ik zie het al. Ik zal hem repareren.
Een schroefje hier, een moertje daar, ik zal de wieltjes smeren,
een motor en een nokkenas,
dan wordt-ie- beter dan-ie was.'

'Boer Boris, is de maaier klaar?
'Jazeker, Berend. Kijk maar!'

'Boer Boris,' zegt de buurman, 'wat een fijne! Wat een fraaie!
'Mag ik hem even lenen om mijn eigen gras te maaien?'

'Boer Boris, o, je nieuwe maaimachine is kapot!
Dit is wat er van over is. Dit is het overschot.'
'Wat is er dan gebeurd, buurman? Wat is er misgegaan?'
'Ik weet het niet, maar zeker is: ík heb niks fout gedaan.'
Ted van Lieshout. Uit: Boer Boris en de maaier. Tekeningen Philip Hopman. Gottmer, 2015. Met gratis Boer Boris-verjaardagskalender.
Het zesde Boer Borisboek alweer, en hij is nog steeds even origineel en leuk als de voorgaande vijf delen.
Alles aan dit Boer Borisdeel klopt opnieuw, van het terugkerende vierkante formaat tot de fluweelzachte harde kaft, het kleurgebruik, de verrassende onderwerpkeuze, de sterke teksten met onkleuterachtige woorden als nokkenas en techniek en de fijne tekeningen waarin van alles gebeurt in Philip Hopmans geheel eigen handschrift met als hoogtepunt een onbegrijpelijk mooi verfrommelde, kapotte maaimachine.
Leeftijd: 2+.


dinsdag 29 september 2015

Je naam

Voor Petra. 19 april 1971-21 september 2015.

Ik noem je naam,
vandaag, morgen,
volgend jaar.

Ik roep je vaak, zo hard
ik wil. Ik schreeuw je
van de daken.

Ik huil, raas, fluister,
aarzel, stotter, stamel,
schater, zoen en zing je naam.

Vallende blaadjes wapperen
je naam. Vogelveertjes
ritselen je naam.

Wolken zwiepen hem mee. In leeuwenkuilen,
muizenholen, op de bodem van de  zee:
je naam.

Regendruppels drinken hem op weg
naar de oceaan. Ook de maan knipoogt
‘s avonds laat jouw naam.

En door het raam, tegen vergeten,
schijnt als een nieuwe ster in neonletters
aan de lucht hoe je altijd zult heten.
Diet Groothuis, Uit: Waar ik ben. Gedichten voor kinderen en anderen. Illustraties Merel Eyckerman. De Eenhoorn, 2012.


maandag 21 september 2015

Een meisje

Ze wacht.
Nee, denkt ze, ik wacht niet,
ik dans.

Ze danst,
ze danst met lange, ranke passen,
langzaam en aandachtig,
ze houdt haar ogen dicht,

ze danst door deuren en door ramen
en door lange lankmoedige dagen -
hout, glas en uren vallen in splinters rond haar neer -

en telkens als ze niet meer kan
en bijna, bijna valt
denkt ze: ik?
ik val niet, ik dans.
Toon Tellegen. Uit: Kruis en munt. Speciale uitgave in opdracht van Poetry International ter gelegenheid van de eerste Landelijke Gedichtendag, 27 januari 2000. Querido, 2000.

maandag 14 september 2015

De liedjesatlas

Mijn vriend gaf mij een appel.
Mijn  vriend gaf mij een peer.
Mijn vriend gaf mij een zoentje.
Toen gooide hij me neer.

Ik zei, hier is je appel.
Ik zei, hier is je peer.
Ik zei, hier is je zoen terug.
Toen gooide ik hem neer.

Ik greep hem bij zijn lurven.
Ik draaide hem in 't rond.
Ik gooide hem naar Engeland
al in zijn blote kont.

Ik vroeg hem naar de film.
Dat wilde hij wel doen.
Toen ik vergat te kijken,
gaf'-ie mijn zus een zoen.

Ik kauwde toen mijn kauwgum
met speeksel kleddernat.
Toen hij vergat te kijken,
deed ik het op zijn gat.
Koos Meinderts. De liedjesatlas. 24  wereldliedjes. Tekeningen Annette Fienieg. Rubinstein, 2015. 
In zijn blote kont met een gooi de zee op, dat zouden meer vrouwen met trouweloze mannen moeten doen. Bovenstaand liedje komt oorspronkelijk uit Australië, zoals alle liedjes in dit boek (op 1 na) traditionele volksliedjes van over de hele wereld zijn. 
Liedjes, per werelddeel verdeeld, van Senegal tot Rusland, van Mexico tot Brazilie, die net als onze 'Witte zwanen, zwarte zwanen' en 'Berend Botje' meestal weinig inhoudelijks om het lijf hebben maar oh zo leuk zijn om te zingen. Blijkbaar is dat in elke cultuur hetzelfde, iets wat dit boek heel simpel maar effectief duidelijk maakt.
In de tekeningen valt veel te genieten. Fienieg smeedt de continenten aan elkaar met steeds terugkerende elementen van de zee, die immers de werelddelen omspoelt. Vissen, dolfijnen, schepen, zeemeerminnen en octopussen; wereldzeeën zijn geheimzinnige oorden.
Er zijn clichébeelden om een land snel te karakteriseren, zoals iedereen bij Nederland onmiddellijk aan tulpen en klompen denkt, zo gebruikt Fienieg rode lampions bij China en kangoeroes en koala's bij Australië maar daar laat ze het niet bij. Sommige tekeningen bevatten lokale decoratieve patronen (Maori's); met minimale middelen roept ze melancholie (Nieuw-Caledonië) of plezier (Nieuw-Zeeland) op en ze verstopt fijne grappen in de tekeningen zoals de molens (Don Quichot) bij het lied uit Spanje. 
Koos Meinderts vertaalde en bewerkte de teksten, meestal vanuit het Engels of Spaans, op de hem eigen uitgelezen manier, tot soepel lopende verzen.
Via de bijgeleverde cd zing je ze zo mee, Thijs Borsten arrangeerde, Leine en Peer de Graaf zingen. 
Dit boek is een ode aan de lokale liedcultuur. Dat er wereldwijd meer mensen in lawaaiige steden vol smog en auto´s wonen dan in lege landschappen vol bessen, bomen en ganzen zie je in dit boek dus niet terug. Een dikke 8.

donderdag 10 september 2015

zag jij misschien. Joost Zwagerman overleden

...zag jij misschien dat ik naar jou,
dat ik je zag en dat ik zag hoe jij
naar mij te kijken zoals ik naar jou
en dat ik hoe dat heet zo steels,
zo en passant en ook zo zijdelings -
dat ik je net zo lang bekeek tot ik
naar je staarde en dat ik staren bleef.
Ik zag je toen en ik wist in te zien
dat in mij leven zoveel is gezien
zonder dat ik het ooit eerder zag:
dat kijken zoveel liefs vermag.
Joost Zwagerman. Uit: Zoen me tot ik spin. Gedichten over de liefde. Illustraties Wolf Erlbruch. Querido, 2011.

donderdag 3 september 2015

Ik word een boterbloem

hoe haal je een spin uit bad?
t r a a g :
je biedt een stok aan
en zegt dan zacht:
'kom maar bij mij,
dan laat ik je vrij.'
zo red je haar
poot na poot na poot na poot
poot na poot na poot na poot
uit de nood.
'dag spin!'

snel:
je trekt de stop er uit
en draait de kraan hard aan.
woeps...
'dag spin!'
Riet Wille. Uit: ik word een boterbloem. Illustr. Kristien Aertssen. De Eenhoorn, 2015.
Leeftijd: 3+

maandag 31 augustus 2015

De koe die in de boom klom

Kee was een hele nieuwsgierige koe.
Ze was altijd op ontdekkingstocht.

Haar hoofd zat vol met de wonderlijkste gedachten.
Maar haar zussen vonden ze allemaal idioot.
...
Er was maar één ding
dat ze interesseerde:
vers, sappig, gras.
Gemma Merino. Uit: De koe die in de boom klom. Lemniscaat, 2015. 
Fijn prentenboek over de kracht van de verbeelding. De tekeningen zijn bijzonderder dan de teksten en zijn erg mooi gemaakt, met originele vondsten, fantasierijke en grappige details en een fijnzinnig kleurgebruik.
Leeftijd: 2+


woensdag 15 juli 2015

Ik kijk boven mijn oren

Trainen
Mijn trainer
Jasper die zei:
"Schuilen, onweer!"

Maar
ik bleef
met Lars,
Jay en Robin
buiten.

En daar staan
we dan
aangebliksemd.

Alleen de
botten waren
nog over.
Dario Boersma (8 jaar). Uit: Ik kijk boven mijn oren. De mooiste gedichten van Kinderen & Poëzie 2014-2015. Illustraties van studenten van de Academie Minerva, Projectbureau/AMP. Poëziepaleis, Groningen.

Dit is het winnende gedicht van de duizenden ingestuurde gedichten van kinderen die meededen aan de jaarlijkse gedichtenwedstrijd van het Poëziepaleis. 
In dit prachtig vormgegeven boekje staan de honderd gedichten die de jury het beste vond en ze zijn soms adembenemend.
Wat denk je van: 'ik slaap in de nacht/ik ben altijd moe geweest/het regent buiten' van Robin Vink (12 jaar).
Of neem: 'Meneer Bart/U was een leuke leraar/Maar nu bent u er niet meer/U kon supergoed toneelspelen/En heel erg goed zingen/U vloog naar Kuala Lumpur/Maar stortte neer bij Oekraïne/Was u er nu nog maar/Dan had u kunnen zien hoeveel wij om u/en alle andere mensen in het vliegtuig geven' van Thierry Castelijn (11 jaar) 
Of: 'ogen mogen alles/zien wat ze willen/blote billen onderbroeken/ze mogen alles onderzoeken/ik knipper geen seconde/ik wil geen dingen missen/of horen/ik kijk boven mijn oren' van Puck van den Berg (9 jaar).
En zo gaat het maar door. Heerlijke leesstof voor de zomer.

maandag 13 juli 2015

Vrolijk dinoboek

Kees van Dijk
Er was een dinosaurus,
zijn naam was Kees van Dijk.
Hij woonde met zijn vrouw Marie
in de buurt van Waterswijk.

Ze hadden lieve kinderen,
een zoontje en een zoon.
De jongste heette Kareltje,
de oudste, dat was Toon.

's Ochtends vroeg dook het gezin
bij wijze van bad het meertje in.

'Pap, ik kan al op mijn rug!'
'En ik al op mijn buik!'

'Knap hoor, Toon en Kareltje,
zien jullie hoe ik duik!'

VIER DINOSAURUSSEN
NIKS BIJZONDERS
HEEL GEWOON
EEN VADER
EN EEN MOEDER
EEN ZOONTJE
EN EEN ZOON.
..
..
..
En als ze gingen slapen
bij de ondergaande zon
zei Kareltje: 'Vertellen pap!'
en Kees van Dijk begon

te vertellen over later
en met al wat Kees verzon,
leek het of hij heel ver
in de toekomst kijken kon.

Dat ze bergen zouden bouwen
die niet op bergen leken.
Dat er licht kwam uit die bergen
waar de maan bij zou verbleken.
Elle van Lieshout, Erik van Os. Uit: Kees van Dijk. Tekeningen Jan Jutte. Lemniscaat 2015.
Waterswijk, Kees van Dijk, Marie, Kareltje, Toon: gewonere namen bestaan niet, het zouden je buren kunnen zijn.
Je vergeet bijna dat het dinosaurussen zijn en dat is precies wat de schrijvers willen. Al zorgen de stoere tekeningen van meestertekenaar Jan Jutte er voor dat dat natuurlijk niet helemaal lukt.
Een normaal gezin dat normale gezinsdingen doet zoals zwemmen, vers vlees eten, puzzelen met botjes van hun prooidieren en verhalen vertellen.
In die verhalen toont vader Kees zich een  toekomstvoorspeller van formaat: op de tekeningen zien we flatgebouwen, vliegtuigen en zelfs ménsen.
Grappig gegeven, dat consequent wordt uitgewerkt maar hier en daar een beetje schuurt omdat een dino die Kees van Dijk heet en in Waterswijk woont lichtelijk over de top is.
Metrum, rijm en ritme kloppen overigens als een bus, laat dat aan ervaren schrijvers als Erik van Os en Elle van Lieshout over.

Leeftijd: 3+. Boekomslag met stoere poster, dat in elke kinderkamer - en zeker ook elke jongenskamer - thuishoort.

maandag 6 juli 2015

Opvrolijkvogeltje

Het is bijna middag,
en boven in de eucalyptusboom vragen de koalabroers zich af
waarom ze eigenlijk zouden moeten klimmen
en eten, en ademhalen.
Er gebeurt nooit iets bijzonders.
Er gebeurt nooit eens iets nieuws.

Maar daar komt Opvrolijkvogeltje!
Edward van de Vendel. Uit: Opvrolijkvogeltje. Illustraties Ingrid en Dieter Schubert. Lemniscaat, 2015. 
Nukkige wombats, neerslachtige koalabeertjes, sombere kangoeroes, levensmoeë emoes: het is duidelijk dat Opvrolijkvogeltje in Australie woont. De droefgeestige dieren op donkere pagina's veranderen, zodra het kleurrijke vogeltje zijn opwachting maakt, in springerige, feestvierende, schommelende zwierezwaaiers in uitbundige kleuren.
Opvrolijkvogeltje zelf wordt wel moe van al dat blij maken. Maar gelukkig, in haar nest wacht iets op haar.
Jammer dat er geen mensen bestaan in het Opvrolijkvogeltjesparadijs. 

Leeftijd: 3+

maandag 29 juni 2015

Margriet

Die stond tussen gras
in de weide, die was
een frisse margriet,
maar bleef dat niet.
Ze kwam voor een raam
van een huiskamer staan.
Alleen, met een vaasje aan.
Han G. Hoekstra. Uit: Verzamelde gedichten. Querido, 1972.
Bovenstaand gedicht is gepubliceerd met toestemming vooraf van uitgeverij Querido

woensdag 24 juni 2015

Zilveren Griffel voor Doodgewoon

Als je nou eens niet kon sterven,
zou je dan op zwemles gaan?
Van de hoge duikplank duiken?
Zeilen zonder zwemvest aan?
Op de hoogste bergen klimmen?
Op de smalste richels staan?
Langs de diepste kloven lopen?
Was daar dan nog wel wat aan?

Als je nou eens niet kon sterven,
was vakantie dan nog fijn?
Zou je je nog steeds verheugen
op dat reisje met de trein?
Zou je van het strand genieten?
Van de zee, de zonneschijn?
Van de ijsjes, van de frieten?
Zou je dan gelukkig zijn?
Bette Westera. Uit: Doodgewoon. Illustraties Sylvia Weve. Gottmer, 2014.
Bette Westera wint met dit boek de Zilveren Griffel voor poëzie 2015.  

zondag 21 juni 2015

Vaderdag

Wat een vader doet
Moeders zijn goed in je hand vasthouden,
vaders in handen loslaten.

Vaders kijken zonen groot.
Vaders sturen kuilen op je af,
zagen zijwieltjes van je fiets.
Vaders kiezen hoge torens,
diepe beken
en takken die geniepig breken.

Maar
elke keer als jij verdwaalt,
elke keer dat je valt,
verdwaalt/valt een vader
tienduizend keer harder,
tot het overal in hem schroeit.

Totdat jij
groot,
groter,
allergrootst
voorgoed
boven zijn hoofd groeit.
Benny Lindelauf. Uit: Er zit een een feest in mij. Querido's Poëziespektakel 5. Querido, 2012.
Dit gedicht is geplaatst met toestemming vooraf van uitgeverij Querido.

maandag 15 juni 2015

Ollebolleke van drs. P

Harteloos hitwezen
Eén geslaagd singletje
Wout zag zichzelf al, be-
roemd, in een slee

Eindigde echter als
Olieverversende
Norse benzinesta
tionsemployé.
Drs. P. Uit: Versvormen. Leesbaar handboek. De Stiel, 2000.
Drs. P introduceerde de 'ollekebolleke' in het Nederlands en maakte het beroemd. Eergisteren overleed hij. 

Een ollebolleke is een puntdicht van 2 x 4 regels.
Het metrum is de dactylus: drie lettergrepen, de eerste beklemtoond, de volgende 2 onbeklemtoond. 

Regel 1 is een motto, uitroep of verzuchting.
Regel 2 geeft het onderwerp aan.
Regel 6 bestaat uit één woord met de hoofdklemtoon op de vierde lettergreep.
Regel 8 rijmt op regel 4. 

Elke regel bestaat uit 2 dactyli, behalve regel 4 en 8, waar de laatste twee onbeklemtoonde lettergrepen wegvallen. De naam 'ollekebolleke' komt van het oude kinderversje:
Olleke bolleke
olleke bolleke
olleke bolleke
olleke bol.

Olleke bolleke
ollekebolleke
olleke bolleke
olleke bol.



maandag 8 juni 2015

Het allermoeilijkst

 © Milja Praagman
Echt moeilijk is
achterstevoren een heuvel ophuppelen.

Vooruit naar beneden
gevaarlijk makkelijk, bijna over de kop.

Vooruit heuvel op
trekt zwaartekracht aan je benen.

Het allermoeilijkst is
omlaagachterstevorenhuppelend.
Diet Groothuis. Uit: Waar ik ben. Illustraties Merel Eyckerman. De Eenhoorn, 2012.

donderdag 28 mei 2015

Te wakker om te slapen

Mamma, ik wil niet gaan slapen
ik ben zo bang dat ik dromen ga.
Dan droom ik weer net zoals gister
dan zit die krokodil mij achterna.
Dan wil ik weer hard voor hem vluchten
maar het lukt niet, ik loop door het zand,
ik kan hem achter mij al horen zuchten.
Maar dan is er met mij iets aan de hand,
al schreeuw ik het ook uit
mijn mond maakt geen geluid!
Daar werd ik wakker van
daarom kwam ik beneden mam.

Mamma ik wil eerst wat eten.
Ik ben zo bang dat ik dromen ga.
Zo'n droom die ik nooit zal vergeten.
Toen liep ik de bakker achterna
en toen had ik hem bijna ingelopen
ik kon vlak bij zijn wagen zijn.
Ik pakte, zijn karretje stond open
een taartje met room en marsepein.
Maar wat ik nou niet snap
al nam ik nog zo'n hap
ik proefde d'r niks van!
Heb jij nog wat te eten mam?

Mama ik wil niet gaan slapen
behalve dan als ik leuk dromen ga.
Maar vertrel eerst eens net zoals gister
iets moois, dat droom ik dan wel na.
Het hoeft niet over prinsjes of kastelen
maar iets spannends iets wat echt is gebeurd.
Of mag misschien even de tv aan
ik vraag maar, ik heb er niet om gezeurd.
Ik was alleen maar bang
van wat ikd romen kan
dus ik kwam even an.
Ik ben toch zo graag wakker mam.
Karel Eykman. Uit: Was ik zee. Tekeningen: Sylvia Weve. De Harmonie, 2014.

maandag 18 mei 2015

Mooi boek

Maan en aarde
de maan hoort bij de aarde
de aarde bij bestaan

bestaan is dat we leven
en door de dagen gaan

en dat we kleren dragen
behalve in het bad

en dat we moeten eten
dan worden we niet plat

en dat we soms verbaasd zijn
of blij of boos of bang

en dat ons hart blijft kloppen
ons hele leven lang

en dat dit weer een dag is
waarop we echt bestaan

bestaan op deze aarde
en onder deze maan
Joke van Leeuwen. Uit: Mooi boek. Querido, 2015.
Letters. Feestletters. 'Mooi boek' staat er vol mee. Letters zijn feestjes, zegt dit boek. Dat kunnen beginnende lezers natuurlijk niet vaak genoeg horen. Letters in allemaal verschillende alfabets, gemaakt van lenige mannetjes of van monstertjes of van foto's van voorwerpen die je overal op straat kunt tegenkomen maar die per ongeluk toch op een letter lijken, zoals een hijskraan, een bord eten of een paar bomen. Er is ook een terugkerend stripje over Vurkie en Lepeltje, die samen vraagstukken bespreken, zoals waarom de zon geen Flomp heet. 
Er zijn korte dierenverhaaltjes, gedichten, zoekplaatjes en combinatietekeningen van letters en voorwerpen. Er is van alles. Leuk, vrolijk en creatief. Maar ook chaotisch. 
© Joke van Leeuwen
Van sommige dingen vraag je je af waarom ze in het boek staan, en bij alles waarom het op die plek in het boek staat.
Daardoor komt, ondanks de fijne focus op letters, woorden, taal, de verzorgde uitgave, harde kaft en luxe meerkleurentekeningen, het boek niet helemaal uit de verf.
Er is geen helder format, dit soort dierenverhalen doet Toon Tellegen beter, er hadden meer gedichten in gemogen en de raadseltjes komen raar uit de lucht vallen. 
Maar misschien denken de kinderen voor wie die boek bedoeld is daar heel anders over.
Leeftijd: 7+.
Bovenstaand gedicht is gepubliceerd met toestemming vooraf van uitgeverij Querido.

vrijdag 15 mei 2015

Alle vogels

© Annette Fienieg
Alle vogels zijn bezig
een nestje te bouwen,
behalve jij en ik,
waar wachten we nog op?

Hebban olla vogala
nestas hagunnan
hinase hic anda thu,
wat unbidan we nu?

Alle vogels zijn bezig
een nestje te bouwen,
behalve jij en ik,
waar wachten we nog op?
Koos Meinderts. Uit: De liedjesalmanak, lente en zomer. Ill. Annette Fienieg. Rubinstein, 2014.

woensdag 29 april 2015

Je nieuwe lievelingsdier: de okapi

Nu denk je: waahaaaa.
Wat een dier waaahaaaaa!
Je denkt: het lijkt wel een aan elkaar geplakt dier.
Beetje hert.
Beetje paard.
Beetje zebra.

En je denkt aan andere aan elkaar geplakte dieren.
Zoals de oliwaterpanda (die bestaat niet).
En het vogelbekdier (die bestaat wel).

Maar de okapi bestaat dus ook.En hij is niet aan elkaar geplakt.
Hij is géén familie van het hert. Hij is geen familie van het paard.
Hij is zelfs geen familie van de zebra.
Hij heeft bijna geen familie.
Hij heeft zichzelf - en zijn grote broer.

BROER GIRAF.
                            Wat?
                             Broer?
                             Giraf?
Ja, het enige familielid dat de okapi heeft is de giraf.
Maar de giraf heeft een lange nek, en de okapi heeft die niet!
En de giraf heeft vlekken en de okapi heeft ze niet!
Ja, dat is allemaal waar. En toch is het zo: de okapi heeft maar één familielid en dat is dus een familielid waar hij niet op lijkt.

Of toch wel?
Edward van de Vendel. Uit: Stem op de okapi. Tekeningen Martijn van der Linden. Querido, 2015.
Een boek over een onbekend dier, hoe leuk is dat.
Maar als de makers Edward van de Vendel en Martijn van der Linden heten is het nog veel leuker dan je denkt. 
Waarom?  Omdat alles er in staat:
- over de okapi, in taal zo mooi dat je het 100x wilt lezen: 
Alle okapi's dragen..spierwitte zonnestralen op hun achterste..alsof ze, voor ze geboren werden, eerst in de rij voor een schilder zijn gaan staan...Als een okapi-jong zijn moeder kwijt is, heeft hij altijd iets waaraan hij haar kan herkennen: haar billenvlammen, haar kontenzon.
- een okapi in alle standen, details en hoeken getekend, precies zoals hij is, tot aan het speciale kleine waskliertje bovenaan zijn hoef toe. 
- 60 okapi's in spannende kleuren, als okapidraak, okapivis, okapivogel of okapilammetje. 
- het spannende, soms trieste, verhaal over de ontdekking van de okapi in het Afrikaanse land Congo, en hoe hij in westerse dierentuinen terecht kwam. Hoe ze vervolgd en nu ook beschermd worden. 
- hoeveel okapi's er nog zijn. Op de hele wereld. 
- interviews met Rob, de verzorger van okapi's in Nederland, en de Nederlandse stamboekhouder Sander die ervoor  helpen zorgen dat okapi's niet uitsterven.
- okapibabietjes. 
- okapiliedjes. Voor de modeweek/en de modebladen/hoeven we niet lang/naar inspiratie te raden/Hij glanst, hij is zacht/wat een pels, wat een pracht/dames en heren:/de okapi-vacht!
- geweldige okapischilderijen van allemaal  Nederlandse kunstenaars. 
- 88 redenen om de okapi als lievelingsdier te hebben. 
Dit boek wil je hebben. Er zijn veel dierenboeken, vaak van die dikke encyclopedie-achtige vol  feiten zoals "de capibara, het grootste nog bestaande knaagdier, slaagde er tot dusver in de evolutie te overleven" . Met een foto erbij. Maar wat had ik graag boeken zoals dit boek over de okapi gehad. Leuker kun je een dierenboek niet maken.
Je nieuwste lievelingsdier? Ik weet het al.

Leeftijd: 7+
Bovenstaande tekst is gepubliceerd met toestemming vooraf van uitgeverij Querido. 


dinsdag 28 april 2015

u uil

overdag knijpt hij een oogje toe
pas diep in de nacht gaat hij op jacht
omdat hij naar een muisje smacht
hij vliegt geruisloos, geen gedoe
of zit of bidt of roept oehoe

hij moet wat rusten voor hij slacht
overdag knijpt hij een oogje toe
een uiltje knappen geeft hem kracht

heerlijk verorbert hij, en hoe!
met huid en haar en/of de vacht
wat niet te verteren is zonder klacht
een braakbal is het ratjetoe
overdag knijpt hij een oogje toe
Saskia de Jong. Uit: De deugende cirkel. Gedichten en knipsels voor kinderen. De Harmonie, 2010.

Wie in real life wil zien waar het gedicht over gaat, kijkt hier naar het Beleef de Lente Bosuil weblog met 2 jongen of Kerkuil weblog met 4 jongen

dinsdag 21 april 2015

ik word een boterbloem

© Riet Wille
hoge ruzie
twee woeste wolken
kregen hoge ruzie.
het bliksemde en donderde.
f
 l
  i
   t
     s
       knal
er vielen rake klappen:
een slag hier,
                     een slag daar.
als gietende regen
stroomden hun tranen
van pijn en verdriet.
hemel en aarde keken toe
naar de strijd om de macht,
zwart als de nacht.

toen hebben ze het uitgepraat
en is het weer wat opgeklaard.
de gevolgen zijn al te merken:
een lucht vol blauwe plekken.
Riet Wille. Uit: ik word een boterbloem. Illus. Kristien Aertsen. De Eenhoorn, 2015. 
Spelen met woorden, eindrijmen, letters en begrippen, kortom, spelen met taal is Riet Wille als geen ander toevertrouwd. In dit mooi uitgevoerde versjesboek met harde kaft en prettig leesbaar lettertype staan zowel eerder gepubliceerde als nieuwe kindergedichten. 
De opbouw gaat van eenvoudige eenlettergreepwoordenversjes langzamerhand naar complexere teksten als hierboven, waar soms ook spannende woorden als 'neveldeken'  en 'papavers' hun intrede doen. 
Grappige, sprekende tekeningen ondersteunen de teksten niet alleen maar voegen er elementen aan toe, waardoor die nog gemakkelijker te begrijpen zijn. 
Perfect voor beginnende lezers, tweedetaalverwervers en sowieso leuk om voor te lezen aan je peuter of kleuter. 
Leeftijd 3+.

maandag 13 april 2015

Aardbeien zijn rood, Kriebelbeestjes en Wat is er zwart en wit?

Wat is er zwart en wit?
De nacht is zwart.
De sneeuw is wit.
De kat is zwart.
De melk is wit.
De kraai is zwart.
De gans is wit.
De...

Aardbeien zijn rood
Aardbeien zijn rood.
Sinaasappels zijn oranje.
Bananen zijn geel.
Appels zijn groen.
Bessen zijn blauw.
Druiven zijn paars.
Kijk...

Kriebelbeestjes

Zie je de kevertjes kruipen?
Zie je de slakken slibberen?
...Zie je de vlinders...
Petr Horácek. Uit: Wat is er zwart en wit?,  Aardbeien zijn rood en Kriebelbeestjes. Lemniscaat, 2015.
Leeftijd 1+.
Niet de teksten, hoe lekker strak ook, maken deze hardkartonnen boekjes zo bijzonder maar de vormgeving. 
In Wie is er zwart en wit worden de pagina's steeds smaller, tot je op de laatste pagina antwoord krijgt op de vraag uit de titel.
In Aardbeien zijn rood spat het heldergekleurde fruit van de bladzijden die de gekartelde vorm van de vruchten zelf hebben. Op de laatste bladzijde zie je opeens met een simpele ingreep - verrassing - een complete fruitschaal. 

In Kriebelbeestjes kruipen op de titelpagina door een gaatje twee beestjes rond. Als je het boekje openslaat zit er een leeg gaatje in de linkerpagina. Op de rechterpagina zitten wel drie gaatjes, maar daarachter houden zich drie kevertjes schuil. Elke keer dat je een bladzijde omslaat is er een nieuwe verrassing, in vrolijke heldere kleuren en strakke herkenbare vormen. Kinderen leren zo op hun sokken nieuw vocabulaire en ook echt goed kijken. 
De Tjechische Petr Horácek maakte zijn eerste boek, Aardbeien zijn rood, toen hij zelf vader werd. Hij won er meteen de Books for Children Newcomer Award mee. Sindsdien heeft hij nog veel meer boeken gemaakt. Deze drie zijn nu in het Nederlands verkrijgbaar.
Meer informatie over Petr Horácek vind je hier

woensdag 8 april 2015

Nooit denk ik aan niets

Ik zie
honderd kleuren blauw
korenbloem kobalt en pauw
zee azuur en ijs
hemels hel vergeet-mij-niet
ik zie ik zie
wat jij niet ziet
je ogen zijn het mooiste blauw
ik kijk het liefst naar jou

Ik zie
honderd kleuren rood
kersen kreeft koraal pioen
klaproos knal en vermiljoen
bloed tomaat en vuur en biet
ik zie ik zie
wat jij niet ziet
de kleur is rood ik hou van jou
en jij van mij... of niet
Hans en Monique Hagen. Uit: Nooit denk ik aan niets. Tekeningen Charlotte Dematons. Querido, 2015.
Na vorige succesbundels als 'Jij bent de liefste' (2000) en 'Van mij en van jou' (2007) hebben Hans en Monique Hagen opnieuw een heerlijk boek afgeleverd. Trefzekere poëzie met gedichten voorzichtig als vraagtekens of glimmend als bellenblaas maar soms ook stampend als een kwade mannetjesolifant: is god gemaakt van lucht of van wens? en is er een hemel en waar dan wel?, of 'Boos': rode knetter dynamiet/takkenbijter kakkepiet/stekkert kukert slakkensop/de boze bui knalt uit mijn kop/hou op hou op hou op. 
Ritmisch en in (spaarzaam) rijm en ogenschijnlijk eenvoudige maar oh zo muzikale taal worden grote thema's op filosofische wijze aangesneden: 'wat is nul en wat is niets/wanneer is ooit wanneer is nooit/en waar is nergens/dat moet ik nog bedenken'.
Maar ook alledaagse dingen komen voorbij, zoals slapeloosheid in het prachtige 'Lam ram ooi' waar schapen tellen alleen maar tot verder wakker worden leidt: 'vijftien twintig/hiphop lam/veertig vijftig/dikzak ram/achtentachtig/honderd ooi/ik raak mijn tel kwijt/door die schapen/ik raak mijn slaap kwijt/in het hooi.' 

De tekeningen van Charlotte Dematons, bekend van haar Sinterklaasboeken, 'De gele ballon' en het sublieme 'Nederland' verbeelden de gedichten niet alleen uitzonderlijk goed maar vertellen het daarnaast het verhaal er vlakbij of omheen. Dematons is grootmeester in details, zoals de vlinder die pas op de pagina ná de brandneteltekening met rupsgaatjes bij het gedicht 'Vlinder' te zien is. Of de beer die vaak terugkomt in de tekeningen en halverwege het boek een lief eigen gedicht blijkt te hebben, met achterin het boek een onverwachte wending. 
Dematons gaat verder dan in haar eerder genoemde boeken: heldere, sterke, soms van Gogachtige tekeningen wisselt ze af met dromerige pastelplaten en krachtige, bijna propere, beelden. 
Als dit boek geen prijzen gaat winnen, weet ik niet welk boek wel.
Bovenstaand gedicht is geplaatst met toestemming vooraf van uitgeverij Querido.

vrijdag 3 april 2015

Doei! Edward van de Vendel en Marije Tolman

Maartje krijgt een welterustenkus van papa
en een welterustenkus van mama.
Ze knuffelt haar knuffels
een voor een, niemand vergeten:
Puk de Beer,
Balletpop Evelina,
Kangoroe natuurlijk, en Koala.

Daarna roept haar grote broer Bor
vanuit zijn kamer:
'Doei!'

En dan vliegt Maartje weg.
In haar droom. In haar slaap. Elke nacht.

Ze zweeft...
Edward van de Vendel. Uit: Doei! Illustraties Marije Tolman. Querido, 2014.
Hoe verbeeld je je dromen? Mooie dromen of juist nachtmerries? En hoe verjaag je die laatste? Maartjes dromen zijn fantasierijk en vol fijne details als dwarrelende kuddes rode olifanten, vioolspelende fantasievissen en vliegende en schaakspelende schildpadden. 
Maar haar broer Bor droomt nooit of juist heel naar.
Daar doet Maartje iets aan. 
Ongelooflijk goed prentenboek, met karige, prachtig poëtische teksten van Edward van de Vendel die in een paar zinnen een compleet verhaal tot leven wekt.  Hetzelfde geldt voor Marije Tolman, wier werk we kennen uit het bekroonde, tetkstloze prentenboek De boomhut en uit het dierenboek Springende pinguins en lachende hyena's. In verschillende technieken, linoleumsnede, inkt, krijt, in grote kleurvlakken, scherp getekende figuurtjes, van dromerig verstild tot uitbundig vrolijk verbeeldt ze de belevenissen van Bor en Maartje liefdevol en ontroerend als de tekst, maar zo dat je hoofd er er in kan ronddwalen en meebewegen.   

maandag 30 maart 2015

Het land van de grote woordfabriek

Er is een land
waar de mensen bijna niet spreken.
Het is het land van de grote
woordfabriek.

In dat vreemde land
moet je de woorden kopen
en heel voorzichtig inslikken
om ze dan te kunnen uitspreken.
...
Sommige woorden zijn onbetaalbaar.
Die dure woorden worden maar zelden gesproken,
en alleen door schatrijke mensen.
In het land van de grote woordfabriek
kost spreken handenvol geld.

Mensen zonder centen zoeken soms
in vuilnisbakken naar weggegooide woorden.
maar tussen al die wegwerpletters zit vooral
veel rommel: roddel en kletskoek
en oudewijvenpraatjes.
...
Op sommige zonnige dagen dwarrelen er
zomaar woorden door de lucht.
Dan pakken alle kinderen vliegensvlug hun vlindernet
om de loswaaiende woorden te vangen en te proeven.

Als de avond valt en ze aan tafel gaan,
spreken ze plots en tot verwondering van hun ouders,
de lekkere woorden langzaam weer uit.
Agnès de Lestrade. Uit: Het land van de grote woordfabriek. Tekeningen: Valeria Docampo. De Eenhoorn, 2015.
Stel je voor dat je woorden moest kopen. Wat een desolaat land zou dat zijn. In dit sprookjesachtige boekje vangt Florian drie woorden in zijn net voor Siebelle, die hij onuitsprekelijk lief vindt: kersenrood, pannenlapje, stoelendans.  Maar Oscar is er ook, en diens ouders zijn steenrijk... 




zaterdag 28 maart 2015

Boer Boris gaat naar de markt

De halmen stonden op hun hoogst.
Boer Boris heeft de maïs geoogst.
Die wil hij gaan verkopen.
Maar als hij naar de markt toe gaat,
ziet hij een bord en daarop staat:
VERBODEN OM TE LOPEN!

Boer Boris is al heel vroeg wakker.
Hij haalt het koren van de akker,
voor beschuiten en voor broden.
Maar als hij naar de markt toe gaat,
ziet hij een bord en daarop staat:
FIETSEN IS VERBODEN!
Ted van Lieshout. Uit: Boer Boris gaat naar de markt. Illustraties Philip Hopman. Gottmer, 2015.
Niet lopend, niet met de fiets! Ook met de motor, de auto, een boot of een raket mag Boer Boris zijn producten niet naar de markt brengen. Hoe lukt het dan wel?
Dit is alweer het vijfde Boer Borisboek en de zegetocht van het blauwgeoveralde jongetje lijkt niet te stuiten. Kinderen krijgen Boer Boristaarten voor hun verjaardag, spelen Boer Boris na en staan in de rij voor voorleessessies met schrijver en illustrator.
Komt er een zesde deel? Lees hier het antwoord van Ted van Lieshout: Een zesde Boer Boris?

maandag 16 maart 2015

Heb jij wel door hoe gelukkig je bent? Dr. Seuss

Voel je je zielig? Zit alles je tegen?
Voel je je miezerig, voel je je moe?
Zie je alleen nog maar wolken en regen?
Spreek dan jezelf ogenblikkelijk toe:

Maak je niet druk Ukkie.
Spreek van geluk, Ukkie.
Spreek van geluk en wees blij.
Sommige mensen zijn minder gelukkig,
meer nog dan min of meer zeer ongelukkig,
veel minder gelukkig dan jij!
...
Wees blij dat je geen Bokkenburger Bruggenbouwer bent.
Bokkenburger Bruggenbouwers staan alom bekend
als brokkenmakers, allemaal. ..

Of dat je Benny bent, die per-ku-la-tors demonteert
en niet meer in elkaar krijgt. Dat er, wat je ook probeert,
steeds onderdelen over zijn, of onderdelen kwijt.
Een akelige toestand, die tot grote wanhoop leidt.
De Snoef past niet meer in de Flop, de Flap niet in de Sniep.
De Plop floept in het sleufje dat bedoeld is voor de Pliep...

Of dat je Ali Boeboe heet,
die gras heeft moeten zaaien
dat vele malen sneller groeit
dan Ali zelf kan maaien.
Hij maait het heel zorgvuldig,
maar het groeit meteen weer aan.
Dat is heel onbevredigend
en echt een zware baan,
waarvoor die arme Ali
wordt betaald in glazen kralen,
waarmee je bijna nergens
op de wereld kunt betalen!

Dus...

Je mag jezelf ook veel meer dan veel dan zeer gelukkig prijzen,
dat jij niet door het leven gaat als een van de radijzen
- met name nummer zeventien - op boer Buwalda's akker.
Buwalda weet nog nergens van, dus maak 'm maar niet wakker...

Of dat je door het leven gaat
als  losse linkersok,
verloren en vergeten in de
kelders van Kapok.

Nee, maar je niet druk Ukkie.
Spreek van geluk, Ukkie.
Spreek van geluk en wees blij.
Sommige schepsels zijn minder gelukkig,
meer nog dan min of meer zeer ongelukkig,
vele minder gelukkig dan jij.
Dr. Seuss. Uit: Heb jij wel door hoe gelukkig je bent? Vertaling Bette Westera. Gottmer, 2015.
Opnieuw een fantastische Dr. Seuss in het Nederlands. Wat een feest dat uitgeverij Gottmer dit doet en wat heeft Bette Westera de teksten weer subliem, met gevoel voor en behoud van ritme en rijm, omgezet in soepel Nederlands.
De totale heerlijke gekkigheid van de teksten, samen met de superieure taalbeheersing, maken dit boek tot een must voor elk moment dat je in de put zit.  


woensdag 11 maart 2015

De zoute goudvis en andere verhalen

Als je naar bed gaat, s 'avonds, dan trek je je schoenen uit. Dat doen de grote mensen ook. Alle grote mensen uit de hele stad. Stel je eens voor wat een schoenen er dan allemaal staan, in de donkere nacht.
Zo begint het verhaal 'De ondeugende schoenen' van meesterverteller Paul Biegel. Een vrolijk, raar, heerlijk verhaal over wat er 's nachts vervolgens gebeurt. 
In dit prentenverhalenboek staan zeven (al eerder gepubliceerde) van deze verhalen, zoals alleen Biegel ze kon schrijven. Dit jaar zou hij 90 zijn geworden. De illustraties, een mooie mix van vrij en figuratief, vertellen hun eigen verhaal. Geweldig prentenboek.
Paul Biegel. Uit: De zoute goudvis. Illustraties Mies van Hout. Lemniscaat. 2015
Leeftijd: 6+

vrijdag 20 februari 2015

Er was eens een prins en die wou een prinses

De keizer was een ijdeltuit,
hij gaf alleen om kleren.
En als hij voor de spiegel stond,
dan draaide hij daar uren rond
en dacht niet aan regeren.
't Was winkel in en winkel uit
en nieuwe jassen passen,
een smokinghemd, een harembroek
en laarzen en een omslagdoek
en twintig zijden dassen.
Hij liep er als een haantje bij...
en niemand die er wat van zei.

Toen meldden zich bij het paleis
twee hele vreemde heren.
Die deugden voor geen sikkepit,
maar ja, hun boord was hagelwit...
het leken wel meneren.
Zij stelden zich als wevers voor
van wonderbare stoffen:
de kleur uniek en het patroon
niet zomaar wat, niet doodgewoon,
maar echt onovertroffen.
Daarbij bezat ook elke lap
een heel speciale eigenschap.

Wie dom was kon de stof niet zien...
dat was het wonderbare.
En wie niet deugde voor zijn werk,
lakei, minister, kok of klerk,
stond óók vergeefs te staren.
De keizer dacht: 'Da's twee in één!
Ik krijg weer nieuwe kleren,
terwijl meteen die wonderstof
mij toont wie dom zijn aan het hof
en wie d'r niks presteren!
Hij zei dus: 'Heren, aan de slag
en het moet klaar vóór Keizersdag.'
...
Meteen ging 't in de massa rond:
'De keizer draagt geen kleren!'
De lijfwacht zei met strakke mond:
'Naar huis, kijk enkel naar de grond,
en niet op reageren.'
Maar nee, de keizer hief zijn hoofd
en bleef de mensen groeten...
gekleed in slechts de keizerskroon.
Hij dacht: 't Is mijn verdiende loon -
en liep de hele route.

En zijn lakei liep in de pas
en droeg zijn sleep, die er niet was.
Martine Bijl. Uit: Er was eens een prins en die wou een prinses. Illustraties Noëlle Smit. Gottmer, 2011.
Het lelijke eendje, De prinses op de erwt, De wolf en de zeven geitjes, De nachtegaal, de gouden bal, De nieuwe kleren van de keizer en De gelaarsde kat: zeven klassieke sprookjes op rijm gezet door Martine Bijl en getekend door Noëlle Smit.
Stevig prentenboek dat lekker in de hand ligt. Soepele, jambische eindrijmen met af en toe een grap, zoals hierboven over meneren met witte boorden. In de sprookjesachtige tekeningen komen leuke grappen voor. 
Om voor te lezen of om je te laten voorlezen door Martine Bijl herself: 'De nieuwe kleren van de keizer' en 'De prinses op de erwt' voorgelezen.


zaterdag 14 februari 2015

Valentijnsdag

Hoor je je
'Verdraag' zei je, 'mijn hoofd tegen je aan
en zing of praat dan luister ik aan je botten

hoe jij je stem hoort want ik hoor je stem door de lucht
tegen mijn trommelvlies maar jij hoort hem op je botten.'

Dus ik zong Berend Botje en je hoofd
lag op mijn rug, 'het is waar' zei je. 'Hij kaatst terug.'
Eva Gerlach. Uit: Oog in oog in oog in oog. Querido, 2001.

maandag 9 februari 2015

Zo mooi anders. Een gedichtenprentenboek

Koppig
-En, wat zien we?
-Een konijn natuurlijk!
-Een konijn. En?
-En? Ik zie een konijn.
-En tegelijkertijd een...?
-Konijn zeg ik toch!
-Eend.
-Eend?
-Oren snavel zie je wel?
-Ik zie alleen een konijn.
-En een eend.
-Een konijn!
-Eend!
-Konijn!
-Konijn konijn konijn!
Mustafa Stitou. Illustratie Martijn van der Linden. Uit: Zo mooi anders. Een gedichtenprentenboek. Lemniscaat, 2015. 
Goed idee: een gedichtenprentenboek op groot formaat, waarin illustratoren van naam en faam hun lievelingsgedicht voorzien van beeld.  Zo tekent Marijke ten Cate de wind uit een gedicht van Wim Hofman, maakt Linde Faas een melancholische plaat bij 'Kom terug' van Toon Tellegen, voorziet Georgien Overwater 'De sprookjesschrijver' van Annie M.G. Schmidt van een nieuwe jas en schept Martijn van der Linden een nieuw beest bij bovengenoemd gedicht van Mustafa Stitou. Sommige tekeningen zijn geslaagder dan andere. Bart Moeyaerts 'Siberie' roept bij mij warmere en vrolijker beelden op dan de dramatische pluizenstorm die Ingrid Schubert er van maakt, maar daar staat Sanne te Loos ingetogen doch absoluut geweldige plaat bij Hans Hagens 'Verf, steen of klei' tegenover.
Mijn favoriet is Dieter Schuberts Blauwbilgorgel, die er nooit meer anders uit zal zien dan als deze dikbillige, bolwangige  vrolijkerd met trompetjes op zijn hoofd. 
Jammer van de wat nietszeggende titel en het saaie omslag. Maar dat is dan ook het enige aan dit boek dat jammer is.

dinsdag 3 februari 2015

Aan tafel

Vragen wij vandaag aandacht voor de lucht
Zie haar trillen!
Kijk hier buigt zij rond de schoorsteen!
Hier wordt zij uitgespuugd!
Kijk hier raakt zij te water!
Vliegt zij over een ijsschots!
en rent door de huizen!
De lucht gaat in het schaap!
De lucht gaat in de bever!

Hier verdwijnt lucht in het toetje!
Kijk die vla haar vasthouden!
Die moet!
Die moet in een kind terechtkomen!

En jawel we tellen af!
Drie!
De lepel wordt opgeheven!
Twee!
Het vliegtuig vliegt al aan!
Een!
De lucht gaat in het kind
Marije Langelaar. Uit: De rivier als vlakte. De Arbeiderspers, 2003.

donderdag 29 januari 2015

Fietsje Gedichtendag 2015

Ik werd geboren
met een fietsje aan me vast.
Heel ongemakkelijk was dat.

De stang zat scheef, het zadel plakte
en mijn moeder gilde:
Hé, wat moet dat fietsje daar?

De doktoren fronsten,
de verpleegsters lachten,
maar mijn vader suste, kuste: stil maar,

tilde me met heel het roodgelakte
ding zo uit mijn moeder waar ik al drie nachten
in had rondgereden, vaak was uitgegleden.

Ik ben een hele goede fietser.
Diet Groothuis. Uit: Waar ik ben. Tekeningen Merel Eyckerman. De Eenhoorn, 2012. 

woensdag 28 januari 2015

Boer Boris gaat naar zee Nationale Voorleesdagen

Boer Boris heeft vakantie.
Boer Boris gaat naar zee.
Hij pakt zijn kleine koffertje.
Wat neemt Boer Boris mee?
Ted van Lieshout. Tekeningen Philip Hofman. Gottmer, 2015

maandag 26 januari 2015

Zo zijn ouders

Het lijkt soms of je ouders iedere dag
alleen maar zeggen wat je moet doen of niet mag.

POETS JE TANDEN! ZEG DANKJEWEL. LOOP DOOR! RUIM OP!
Niet meer snoepen! Was je handen! Eet je erwten!

Doe dit, doe dat, iedere keer,
het is stomvervelend - maar je ouders doen MEER...

Ouders kunnen goed dingen maken:
rails, knuffels, knieën en andere zaken.

Op ouders kun je zandkastelen bouwen
en ze helpen ook om je warm te houden.

Ouders zijn stoelen waarop je kunt springen
en vuilnisbakken voor vieze dingen.

Ouders kunnen goed tenten bouwen,
een paard zijn
of als ezel sjouwen
...
Peter Bently. Uit: Zo zijn ouders. Illustraties Sara Ogilvie. Oorspr. Meet the parents, vertaald door Jesse Goossens. Lemniscaat, 2015.
Kinderen zullen er van opkijken wat ouders allemaal voor hen doen. Ook bij ouders zelf gaan de schellen van de ogen vallen. Vandaag verschijnt dit grappige prentenboek waar moderne ouders zich moeiteloos in zullen herkennen. 
Het echte verhaal wordt in de mooie, losse, tekeningen verteld: een moeder die loopt te sjouwen met boodschappentassen, kind, knuffel en step; een vader waar je in kunt klimmen, ouders die je bloementekening droog föhnen als je per ongeluk de bloemen daarop water hebt gegeven of een chique mevrouw kalmeren als jij je ijsje op haar dure laarzen hebt laten vallen.
Spannend en terecht dat er meerdere kleurtjes ouders zijn uit verschillende milieus. Klein kritiekpuntje: vaders doen ook boodschappen en plakken pleisters, moeders stoeien ook.

Leeftijd: 3+.

maandag 19 januari 2015

Schop

Voetballen
met mijn kleine zusje,
weet je hoe dat gaat?
Ik leg de bal
vlak voor haar voet
en doe dan voor
hoe het moet.
 - Dan schopt ze
soms de lucht,
soms de straat
maar óók soms de bal.
Mijn kleine zusje...
Ze leert het al!
Theo Olthuis. Uit: Hoera, ik ben weer wakker. Illustraties Charlotte Dematons. Holland, 2011.

maandag 12 januari 2015

Ode aan een ster

Zwart was de nacht.
Op straat
gleed ik uit
met de gestolen ster in mijn broekzak.
...
Ik stopte haar
bang
onder mijn bed.
Niemand mocht haar vinden.
Maar haar licht
doorpriemde
eerst
de wollen matras
en daarna
het dak van mijn  huis.
...
Pablo Neruda. Vertaling Bart Vonck. Illustraties Elena Odriozola. De Eenhoorn, 2014. 

donderdag 8 januari 2015

De vogel Nebukàtnezar

De vogel Nebukàtnezar
Woont heel ver weg in Zanzibar.
Hij zit al jaren op zijn nest
En doet verschrikkelijk zijn best
Te zingen als de Madrigaal,
Maar ach, zijn keel is veel te schraal.

De vogel Madrigaal schrijft echter
Steeds brieven naar de vogelrechter,
Want hij is boos om dat gezang
En eigenlijk een beetje bang,
Dat vogel Nebukàtnezar
De beste wordt van Zanzibar.

De rechter heeft nu zonder schromen
Spontaan een wijs besluit genomen,
en heeft een order uitgevaardigd,
Dat ieder die zich nog verwaardigt
Te zingen, daar in Zanzibar,
Wordt opgesmuld met huid en haar.

Dus zwijgen nu in Zanzibar
De vogel Nebukàtnezar
En ook de vogel Madrigaal
En àlle vogels, allemaal.
Ze zwijgen, wat des rechters wil is,
zodat het daar ontzettend stil is.
Chris Scheffer. In: Er staat een taart in lichterlaaie. Samenstelling Jan van Coillie, ill. Harmen van Straaten. Maretak/Davidsfonds Infodok, 2004.

dinsdag 6 januari 2015

Driekoningen (6 januari)

Driekoningen, driekoningen,
geef mij een nieuwe hoed.
Mijn ouwe is versleten,
mijn moeder mag 't niet weten.
Mijn vader heeft het geld
al op de toonbank neergeteld.

Driekoningen, driekoningen,
geef mij een nieuwe jurk.
Mijn ouwe zit vol gaten,
mijn oma heeft de maten.
Mijn opa heeft gespaard
en keurig elke knoop bewaard.
Koos Meinderts. Uit: De liedjesalmanak. Herfst en winter. Ill. Annette Fienieg. Rubinstein, 2013.