woensdag 12 april 2017

Het heel grote vogelboek

Straks de vogels, maar eerst het ei
Wat was er eerder, de kip of het ei?
De kip natuurlijk, want die legt het ei. Het ei natuurlijk,
want daar kruipt een kippenkuikentje uit.

Ja, maar wie heeft dat ei eenentwintig dagen daarvoor dan gelegd? De paashaas?
Nee, de kip natuurlijk.

Zo kun je lekker bezig blijven zonder een antwoord te
vinden. Daarom geven wij dat antwoord maar, zodat je
daarna rustig de tijd hebt voor dit boek. Een boek met
een lange geschiedenis. Niet zo lang als die van de kip
en het ei, maar wel lang genoeg om de oma van de oma van
jouw oma een hand te kunnen geven.

GOED.
De kip of het ei?
Het enige juiste antwoord is: het ei. Vogels, dus ook kippen,
stammen af van de dinosauriërs, en de dino's legden
eieren. Die dino-eieren werden bedekt met bladeren en
aarde...Hoe het daarna gegaan is weet niemand zeker, maar
het staat vast dat sommige dinosauriërs veren kregen.
En ook staat vast dat er dinosauriërs waren die op hun eieren
gingen zitten... De eerste vogel was dus een vliegende dino.
Een eierleggende, met veren bedekte dino, die op een nest
met eieren ging zitten. Eerst was er dus het ei, en miljoenen
en miljoenen jaren later pas een kip.
Bibi Dumon Tak. Uit: Het heel grote vogelboek. Lannoo en Koninklijke Bibliotheek Den Haag, 2017.
Zo, als hierboven, begint Het heel grote vogelboek: vrolijk, persoonlijk, luchtig en informatief, zoals we van Bibi Dumon Tak gewend zijn in haar eerdere dierenboeken, bijvoorbeeld  het met een Gouden Griffel bekroonde Winterdieren.
Maar dit heel grote vogelboek is niet nieuw. De teksten zijn wél nieuw, maar de platen, de tekeningen zijn honderden jaren oud. Het oorspronkelijke boek werd namelijk gemaakt tussen 1770 en 1829, door natuurkenner Christiaan Sep, zijn zoon Jan Christiaan en vogelonderzoeker Cornelis Nozeman. Omdat het zo lang duurde voor het boek klaar was stuurden de makers steeds een hoofdstuk naar hun klanten, als een abonnement op een tijdschrift.
Een hoofdstuk was een of twee vogelplaten plus beschrijving. Na 59 jaar waren er 200 vogels verzameld op 250 platen. Welke vogels ze kozen? Dat was eigenlijk heel toevallig: de vogels die het eerste bij meneer Nozeman werden aangeleverd, want de vogels moesten dood zijn voordat ze getekend konden worden. Dus het grote vogelboek is een best wel wonderlijk allegaartje van allerlei soorten vogels door elkaar.
Ook dit nieuwe vogelboek is een mengeling van vogels. Dertig staan erin, van de oorspronkelijke 200, al legt niemand uit waarom nou precies déze dertig zijn gekozen. Bij elke vogel staat een prettig leesbaar verhaaltje over zijn leven en manier van doen, d
e magistrale tekeningen zijn een feest om naar te kijken, de vormgeving is prachtig retro.
Fijn boek , niet alleen voor vogelliefhebbers maar ook voor kinderen die meer van een bepaalde vogel willen weten, bijvoorbeeld voor een spreekbeurt. Hopelijk schaft elke basisschool dit boek aan. 

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen